Boekgegevens
Titel: De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Auteur: Leopold, Martinus
Uitgave: Groningen: J.M. Wolters, 1866
Wageningen: A. van der Veen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 643 : 1e dr.
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204925
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Pedagogiek, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De opvoeding in school en huis: korte stellingen, wenken en meeningen, vreemde en eigene
Vorige scan Volgende scanScanned page
10
toch ook den stempel van 't goddelijke draagt, zoo als wij zelve
't evenbeeld Gods in ons omdragen. Slechts een koud, alledaagsch
menscli of egoïst kan overigens lagchen om de ideale opvatting van
een beroep. De schipper, die naar een vast punt aan de overzij van
den vloed wil, houdt hooger aan, wijl hij weet, dat de kracht
des strooms hem afwaarts drijft. Men moge vrij de idealen „zeep-
bellen" noemen, — ik schat ze hoog en zie ze eerder als zwem-
blazen aan, die ons in't golfgeklots der wereld boven houden en
voor zinken bewaren.
18.
Alleen een goed onderwijzer maakt een goede school; zonder hem
is al 't overige slechts een gepleisterd graf. Wie denkt niet aan die
waarheid, als hij in onzen tijd op vele plaatsen schoolpaleizen ver-
rijzen ziet, waarop sommige gemeentebesturen niet weinig trotsch zijn.
„Dat hebben wij gedaan; zooveel belangstellen wij in 't onderwijs!"
Mooije steenen. En uw onderwijzer? Mooije steenen kosten geld,
maar voor de keuze van een degelijk, flink onderwijzer is nog ieU
meer noodig.
19.
Een goed onderwijzer is doordrongen van de overtuiging, dat de
huiselijke opvoeding in verband moet gebragt worden met de school-
opvoeding, dat de een de ander onder de armen moet grijpen. Hoe
meer 't belang der ouders voor de school stijgt, hoe meer hunne
wenschen en plannen met die des onderwijzers overeenstemmen, hoe
meer ze in 't algemeen den zegen van eea goed onderwijs begrijpen,
des te zekerder zal het door de school uitgestrooide zaad in vrucht-
bare aarde vallen en honderdvoudige vrucht dragen.
Ter bereiking van dat doel staan den onderwijzers te platten lande
de beste wegen open. Zij komen in den regel in naauwe aanraking
met alle dorpsgenooten en kunnen, als zij verstandig en natuurlijk
zijn, veel invloed op de ouders hunner leerlingen verkrijgen. Omge-
keerd is 't een groot ongeluk voor de school, als de onderwijzer zich
van de landbewoners afscheidt en hunne eenvoudige gebruiken, taal
en manieren bij elke gelegenheid belagchelijk zoekt te maken.
De kunst, om een man des volks te zijn en bij alle populariteit de
noodige achting niet te verliezen, — de noodzakelijkheid, om bij
het afdalen tot het volk den beslissenden schoolmeesterstoon te laten