Boekgegevens
Titel: 250 rekenkunstige voorstellen, opgegeven bij acte-examens voor hulp-onderwijzers
Auteur: Jong, S. de; Roest, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1869
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 681 D 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204909
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   250 rekenkunstige voorstellen, opgegeven bij acte-examens voor hulp-onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
Met welke breuk is er vermenigvuldigd en hoe zoudt gij deze
herleiden tot eene breuk, die 10 tot noemer heeft?
222. Eene webbe linnen van 82'/2 wordt verkocht voor 11
stuivers de el. Als men de geheele webbe koopt, wordt de prijs
per el met een halven stuiver verminderd, terwijl men l'/^ el
toekrijgt en 1 korting voor prompte betaling geniet. Hoeveel
bevoordeelt men zich door de geheele webbe te nemen?
223. Als men ƒ 250 betaalt voor één last tarwe, kost een
brood van een Ned. pond 25 centen. Hoeveel zal het brood moe-
ten opslaan, als de prijs der tarwe 35 gld. per last stijgt?
224. Hoeveel certificaten Ned. Werk. Schuld rentende 2V2 Vo
kan men den IBiJen Januarij koopen voor ƒ 12805, als de koers
met inbegrip der courtage 53'/^ is. (De vervaldagen der cou-
pons zijn 1 Jan. en 1 Julij.)
225. Drie jonge dames namen een lot in eene loterij. De eer-
ste gaf zooveel dubbeltjes, als de tweede kwartjes, terwijl de
derde juist de helft betaalde van hetgeen de twee anderen te zamen
gaven. Tot hare groote blijdschap wonnen zij ƒ 2079, dat is 990
maal, wat zij betaald hadden. Hoeveel heeft ieder betaald en
hoeveel zoudt gij denken, dat ieder van de winst moest hebben?
226. Men verlangt ƒ 2618 zoodanig onder 6 personen te ver-
deelen, dat de twee eersten ieder 6 ontvangen, tegen dat ieder
der drie volgênde 5 ontvangt, terwijl de laatste dan 7 verkrijgt.
Hoe groot is ieders aandeel?
227. Een winkelier koopt 150 pond suiker tegen 64 cents het
pond. Hij verkoopt die voor 70 cents het pond, maar verliest
272 "/o g®wigt door overwegen. Hoeveel wint zij bij dezen
handel?
228. Vier personen moeten ƒ 6136 zoodanig verdeelen, dat
iedere volgende I72 het deel van de vorige verkrijgt. Hoe groot
zal ieders aandeel zijn?
■• 229. Als men een zeker getal met 12,7 5 vermeerdert, deze
.om met 5,;fl42855 vermenigvuldigt, dit product door 2,06^^
deelt en het quotient tot de tweede magt verheft, komt er 3951*/^;,.
Welk getal?
230. A en B handelen. A legt in ƒ 2000 voor 6 maanden en