Boekgegevens
Titel: 250 rekenkunstige voorstellen, opgegeven bij acte-examens voor hulp-onderwijzers
Auteur: Jong, S. de; Roest, A.L.
Uitgave: Amsterdam: A. Hoogenboom, 1869
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 681 D 5
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204909
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenen, Examenopgaven
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   250 rekenkunstige voorstellen, opgegeven bij acte-examens voor hulp-onderwijzers
Vorige scan Volgende scanScanned page
uit C. op het oogenblik dat B. uit D. vertrekt; beiden in ooste-
lijke rigting. A. legt 91 en B. 80 ellen in de minuut af. Na
hoeveel tijd zal A. eene roede ver van B. af zijn?
45. T. koopt koffij a / 0,85 het pond. Hij betaalt 1000 gld.
en ontvangt 3 maal zooveel stuivers terug als hij ponden koopt.
"Wanneer hij ze over 6 maanden weder afzet op 3 maanden crediet
met 12 winst 's jaars; hoeveel is dan de verkoop?
46. Hoeveel is de uitkomst van V25 X 1209O28'45": 19055'15"?
47. Iemand verkoopt tabak met 12 tarra a 2,50 gld. het
pond netto. Hij staat 2 korting toe, waarna hij ontvangt
ƒ 4635,40. Hoeveel pond bruto is er geweest?
48. Drie werklieden hebben te zamen 742,50 gld. verdiend.
Het loon van den eersten bedraagt 300 gld. voor 10 dagen. De
tweede heeft 7 dagen van 5 uren gewerkt en de derde gedurende
3 dagen 8 uren per dag. Hoeveel uren heeft de eerste dage-
lijks gewerkt en wat verdienden dc tweede en derde ieder?
49. Om een stukje grond, dat 15®/^ el lang, en 12^/g el
breed is, door eene houten omheining van 20 ellen hoogte af te
schutten, heeft men 84 planken noodig. Hoeveel van die plan-
ken zal men behoeven voor eene schutting van 2V3 hoogte
rondom eenen tuin van 17'Vi6 ^^ lengte en el breedte?
50. De breedte en lengte van een regthoekig stuk land, staan
tot elkander als 8 tot 5. De omtrek is 234 roeden; hoe groot
is bij verkoop de opbrengst van dat land, indien het alsdan 360
gld. de bunder geldt?
51. Herleid 0,00^^ tot eene gewone breuk met den teller 24.
52. Een kapitaal, dat gedurende 8 maanden tegen 5 's
jaars heeft uitgestaan, heeft 5 5 gulden minder dan Yjp kapitaal
opgebragt. Hoe groot is dat kapitaal?
53. Van eene meetkundige evenredigheid is de som der ter-
men 126. De som der termen van de eerste reden is 56 en
die der voorgaande termen 36. Welke is die evenredigheid?
54. In een vertrek, dat 7 el lang en 6 el breed is, wordt
een kleed gelegd, waarvan de rand 5 decimeters breed is. Indien
de rand 3 gulden de vierkante halve el kost, en het overige van
het kleed 5 gld. de halve vierkante el, hoeveel kost het kleed dan?