Boekgegevens
Titel: De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Auteur: Visser, W.H. de; Top, J.D.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897
3e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1233
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204893
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Vorige scan Volgende scanScanned page
86
Fis 84.
Fig 8.5.
Linnengoed merkt men in den regel met rood, Turksch
merkkatoen; gaatjesletters worden met wit garen gemerkt;
flanel of laken merkt men wel eens met witte zijde en
indien men bang is, dat
het roode merkkatoen in
de wasch verbleekt, ge-
bruikt men in de plaats
daarvan zwarte, echte
waschzijde.
Men kent bjj het mer-
ken den gewonen kruis-
steek , (zie fig. 80) den
dubbelen kruissteek, (zie
fig. 87) den ruitjes- en
den vetergatsteek (zie fig.
88, 84 en 85). Bij den
gewonen kruissteek be-
staat elk kruisje uit 2
helften, den onder- en
den deksteek; dezelfde
deelen der steken moeten
onderling naar denzelf-
den kant loopen. Met den gewo-
nen kruissteek laat men op de
lagere school volgens onderstaande
teekeningen bij het merken het
gemakkelijke langzamerhand door
het meer moeilijke volgen.
Zijn de kinderen tot aan fig. 81
gekomen, dan laat men de letters
van het alphabet niet in volgorde
nawerken, men begint eerst met
E F H J K L N P Q li en ï ;
letters C G en O en eindelijk de
Fig 86
de stokletters I B D
daarna de gebogen