Boekgegevens
Titel: De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Auteur: Visser, W.H. de; Top, J.D.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897
3e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1233
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204893
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Vorige scan Volgende scanScanned page

legt men 2 of 3 kleine plooitjes, die slechts vau boven zoo
diep mogen zijn, dat zij aan den onderkant van het lint glad
tegen de stof aankomen. De richting van die plooitjes is naar
den schouder gekeerd. Van de plooitjes tot den schouder is
Fig. 4.5.
c.M.
12 c.M.



Fig 4(1.
het lint weder glad gelegd en aan de andere zijde der schou-
ders worden eveneens plooien in het lint aangebracht, doch
dan in tegengestelde richting als de eerst gelegde plooitjes.
Soms naait men aan de binnenzjjde van het hemd over de
geheele schouder-
breedte belegstuk-
ken , die moeten
dienen om liet hemd
sterker te maken ;
dit is eene denk-
beeldige versterking,
want het hemd slijt
in den regel gelijk-
matig. Bij eenen
lagen hals wordt de
ruimte ingehaald tot op l il. wijdte. De schouders blijven
glad; op den lials komt een boord van HO tot 100 cM. wijdte
en 4 c.M. breedte (dubbel gevouwen). Het split wordt bij
eenen lagen hals niet gezoomd, maar van belegstukken voor-