Boekgegevens
Titel: De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Auteur: Visser, W.H. de; Top, J.D.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897
3e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1233
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204893
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Vorige scan Volgende scanScanned page

met 1, 2 eu 4 lioeken. Men maakt bij het verstellen op witte
stoften niet de lapjes ingeslagen pasklaar, zooals men dat bij
bont goed doet. Wel wordt het in te zetten lapje 2 cM. aan
alle zijden grooter geknipt, doch de hoeken worden dan eerst
ingeknipt, als men met stikken by den hoek is gekomen.
Dit doet men om het uitrafelen der hoeken te voorkomen.
Het stukje moet op den draad er in worden gestikt; rafelt de
stof uit, dan wordt het moeilijk denzelfden draad te volgen.
Oud goed wordt zelden met nieuwe stof van dezelfde qua-
liteit als oorspronkelijk het oude was, versteld. De nieuwe
stof is voor het oude te zwaar geworden en het zou bij den
naad van het verstellen afbreken. Heeft men geen halfver-
sleten stof om goed
te verstellen, dan
gebruikt men nieu-
we van minder qua-
liteit dan de oor-
spronkelijke is ge-
weest.
Op scholen waar
herhalingsonderwijs
wordt gegeven aan
meisjes boven de 12
jaren, zou het zeer
nuttig zijn, als men
de kinderen gesleten
vleedingstukken kon
leeren verstellen.
Knippen.
Hij het knippen heeft men de volgende regelen in acht
te nemen.
I. Knip zoo zuinig mogelijk, d. w. z. leg de gelijkvormige