Boekgegevens
Titel: De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Auteur: Visser, W.H. de; Top, J.D.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897
3e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1233
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204893
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Vorige scan Volgende scanScanned page
120
HET VERSTELLEN VAN BREIWERK.
Breiwerk wordt op de netste wijze versteld door mazen
of inbreien. Mazen is door slingering van den draad den
^^^ breisteek nabootsen.
fs bet breiwerk
nog alleen dun ge-
sleten, dan kan
men het overmazen,
dat zoowel bij rechte,
als averechtsche ste-
ken alleen bestaat
in het volgen der
slingeringen van den
draad.
Is er evenwel een
gat in het breiwerk
gesleten, dan maakt
men voor de netheid dit gaatje eerst vierkant. Daarna moet
men de spandraden leggen, waarop de maassteken worden
vastgelegd. De spandraden worden in dezelfde richting gelegd
als de breisteken en aan de kanten een paar steken over
het breiwerk ; hierop worden ze evenwel niet vastgeniaasd ;
bij het ininazen wordt juist gedaan, alsof er geen breiwerk
onder was ; buiten de spandraden maast men nog een paar
steken op het breiwerk vast. Men bedenke, dat de span-
draden van veel fijner katoen genomen worden, dan het ka-
toen van de kous is. Het inmazen van een gaatje met enkel
rechte steken heeft niet veel bezwaar, is er een naadje in,
dan wordt het weer wat moeielijker; men moet dan zorgen,
dat men in den eenen toer recht maast en in den anderen
door slingering van den draad het naadje maakt, zooals in
fig. 112. Ook kan men het naadje verkrijgen door in den
rechten toer op de plaats van het naadje een lusje te laten lig-
gen en daarvan in den averechtschen toer het naadje te maken.