Boekgegevens
Titel: De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Auteur: Visser, W.H. de; Top, J.D.
Uitgave: Zutphen: W.J. Thieme & Cie, 1897
3e verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1233
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204893
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De nuttige handwerken: handleiding ter beoefening der nuttige handwerken, hoofdzakelijk voor haar, die zich voor het examen wenschen te bekwamen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Ulz.
Fig. HG.
zooliiaald, zoodat de minderingen 4 steken van elkaar op zij
van den voet komen. Zijn
'U, der minderingen ge-
breid, dan doet men het
wel eiken toer. Gewoon-
lijk laat men tien ä twaalf
steken staan voor het af-
kanten : dit geschiedt door
de steken op tw^ee naal-
den te verdeelen en ze
dan twee aan twee, van
elke naald één, samen te
breien en daarna den vorigen over den volgenden steek te
halen. Zie lig. 95.
il. De ronde teen.
Hiervoor breit men in den eersten toer minderen of over-
halen, zeven recht geheel in het rond, dat zevenmaal over-
breien ; vervolgens minderen of overhalen, zes rechte toeren
overbreien; nu minderen of overhalen vijf recht, vijfmaal
overbreien, enz., totdat de minderingen naast elkaar komen.
Bestaat er vrees, dat de teen te lang zal woorden, dan begint
men wel met minderen
Flg.
5 recht^ vooral bij kin-
derkousen. Zie fig. 96.
HL De sterteen.
Hiervoor worden de
steken op de drie naalden
in vier gelyke deelen ver-
deeld en op elk vierde
deel eene overhaling ge-
maakt ; dit doet men voor
Vn van de minderingen
om de twee toeren, voor
'/.•! om den anderen toer en voor eiken toer, totdat er
10 of 12 steken overblyven. Zie fig 97.
Dk Visser & Top, tuttige Ilaiidw, 1