Boekgegevens
Titel: Het derde boekje tot oefening in het lezen
Auteur: Jansen, J.F.
Uitgave: Haarlem: erven F. Bohn, 1868
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 583 : 2e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204850
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Aanvankelijk lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het derde boekje tot oefening in het lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
blik, blok, blaauw, bloei jen, blinken,
bril, bruin, brok, brullen, brommen,
droom, drie, draai, dreigen, drijven.
De leeu wen hrul len, de bee ren hrom men.
Een blok hout kan in het wa ter drij ven. In
de len te ziet men de boo men bloei jen. Broo-
men zijn be drog. Er zijn blaau ice en wit te
druiven. Bruine boo nen zijn er ook. Noem
mij nog drie soor ten van boo nen. Een bril
heeft twee gla zen. Zijn die gla zen groen,
blaauw of kleur loos ? Wat is kleur loos ?
dwaas, dweil, dwalen, dwingen, dwergen,
fluit, flesch, flu weel, flad de ren, flik ke ren.
fruit, fret, fraai, fram boos, frisch.
Dwergen zijn kleine menschen. Het fluweel
is ee ne zach te stof. Een kraag van flu weel op
de jas staat fraai. De ster ren flik ke ren. Met
dwingen kan ik mijn zin nooit krijgen. Dwingen
xiVi^ldwaas. Vliegen is geen fladderen. De fluit
W&en speeltuig. Ik kan wel fluiten zonder fluit.
Welke dieren kunnen dat ook? Wie niet wil
dwalen moet den weg weten of er naar vragen.