Boekgegevens
Titel: Het derde boekje tot oefening in het lezen
Auteur: Jansen, J.F.
Uitgave: Haarlem: erven F. Bohn, 1868
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 583 : 2e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204850
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Aanvankelijk lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het derde boekje tot oefening in het lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
Nu moe ten wij van al de soor ten van woor-
den , die in dit boek je voor ko men een paar
noe men. Dat heet her ha len. Her ha len is
goed om te leeren.
katten en takken —koppen en pokken,
riemen en mieren —too nen en noten,
namen en manen —paren en rapen,
kie zen en zie ken — ra ven en va ren
lampen en palmen —korven en vorken,
pitjes en tipjes —potjes en topjes,
huis raad en raad huis — school dag en dag school,
le ven en ne vel — ne ger en re gen.
ge roep en ge raas — ge luk en ge not.
nichten en lichten —zuchten en luchten,
lag chen en jui chen —kug chen en pogchen.
vaar dig en moe dig — nut tig en aar dig.
Nuttig en aardig. Zoo kan men dit lesje
ook wel noemen. Die al deze woorden vaar-
dig kan lezen, mag wel verder gaan en andere
woorden leeren. Vooruit dan!