Boekgegevens
Titel: Het derde boekje tot oefening in het lezen
Auteur: Jansen, J.F.
Uitgave: Haarlem: erven F. Bohn, 1868
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 583 : 2e dr. (dl III)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204850
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Aanvankelijk lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het derde boekje tot oefening in het lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page

9
boek boe -ken
huis hui - zen
duif dui -ven
muis mui - zen
bok bok - ken
neef ne -ven
boek - je boek-jes
huis - je huis jes
duif -je duif-jes
muis - je muis-jes
bok -je bok - jes
neef - je neef-jes.
Mijn neefje Jan gaat met zijn bokje uit
rijden. Ik heb geen bokje, daarom ga ik nu
en dan naar mijn neefje Jan om met hem te
rij den. Na het rij den gaat Jan met mij naar
mij Wij geven dan hoonen aan de
dui ven. Boo nen zijn ook goed voor de hok-
ken , en de paar den lus ten wel ha ver en hoo-
nen. Van waar ko men de boo nen ? Dat we ten
de boeren wel Die bouwen ha ver en boo nen ,
roo; ge en tar we, boek weit en nog al meer.
Mijne neven hebben boekjes met lesjes over
alles wat de boeren bouwen. Die zijn mooi
om te lezen. Ik heb een boekje met dieren.
Met leeuwen en bee ren, paarden en koeijen,
hazen en honden, ja wie weet wat niet al.