Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
72
zou dit kind, welks opvoeding zoo vele hindernissen
aanbiedt wanneer men er eindelijk eens aan wil begin-
nen te denken, zeer gemakkelijk opgevoed zijn ge-
worden, even als een grond, dien men niet eerst
moet ontginnen, zonder moeite aan de zorg en
aan de hoop van den landman beantwoordt. Men
moet reeds vroeg de takken buigen, waarvan men
een prieel wil maken.
Het verstand van een kind schijnt somtijds zoo
beperkt en zoo weêrspannig tegen het onderrigt,
alleenlijk omdat de denkbeelden, welke wij hem ge-
ven willen, strijdig zijn met die, welke hij reeds,
zonder dat wij dit opmerkten, verkregen heeft. Op,-
dat de waarheid daar plaats vinde, moet de dwaling
er uit wijken, en dit is niet gemakkelijk, want het kost
meer moeite hem zijne dwaling te doen inzien, dan
hom voor dezelve te behoeden ; omdat men hem
niet geleerd heeft zijn oordeel te wantrouwen, en
düt hij altijd meer geneigd is die kennissen aan te ne-
men, welke hij aan hetzelve te danken heeft, dan
diegene , waarmede wij hem trachten te verrijken.
De eerste denkbeelden, die wij van onze gewaarwor-
dingen ontvangen, zijn verkeerd, en dat moet zoo
zijn. De waarheid is eenig; duizend dwalingen om-
ringen haar aan alle zijden. Indien dus het toeval
onze keus regelt, dan is het meer dan waarschijnlijk,
dat wij ons tot eene dezer laatsten zullen bepalen.
Maar indien de wijsheid en de ondervinding onze eer-
ste schreden besturen, en ons oordeel teregt wijzen,
dan zullen wij daarbij alles winnen, de waarheid we-
der onderscheiden, en behoed worden voor ccne dwaling,
die de kennis derzelve moeijclijker en trager zal doen zijn.