Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
55
het oordeel, de geest van onderzoek, en bovenal
de kunst om zich door dc jonge lieden te doen ver-
staan, en die kundigheden, die men aan dezelve wil
mededeelen , op eene voor hen vatbare wijze voor tc
dragen. Je voudrais, zegt montaigne, que Ie conducteur
d'un enjant eût plutôt la tête bien fake que bien plebie, et
<lu'on y requît plus l'entendement que la science.
Ik moet bij dit gedeelte van mijn onderwerp nog
wat stilstaan : ik hoop, dat weinigen mijner lezers
mij dit zullen verwijlen.
Ik heb reeds gezegd, dat het algemeen gebrek
van de tegenwoordige opvoeding is het hoofd van
een kind met woorden op te vullen, en de midde-
len Ie verwaarloozen om hem dezelve te doen be-
grijpen: dit komt daarvan, dat men er zich niet
aan laat gelegen liggen, om de vorderingen van
zijn oordcel na te gaan; en dat men niet genoeg
den graad van begrip, waarvoor hij vatbaar is, on-
derzoekt. Het is met zijne zedelijke als met zijne
physische krachten, en met zijn versland als met
zijne schouderen, die nog maar ligte vrachten dragen
kunnen. Men moet dus derzelver vermogen kennen
en welen.
Quid valeant humeri, qmd fere recusenl.
Een kind leert dat alleen goed, wat hij gemak-
kelijk begrijpen kan, en zelfs, om daartoe te gera-
ken, moet zijn geest meer in staat zijn de indruk-
ken te weeg te brengen, dan die te ontvangen. Het
onderrigt moet hem maar ten halve behulpzaam we-
zen: hij, die, om iets te weten, noodig heeft dal