Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
43
liunuc oorcn klinkt (1)? Hoe wil men, dat zij zul-
len leeren streng jegens zich zeiven en toegeeflijk
voor anderen te zijn, indien de kwaadsprekendheid het
gewoon onderwerp is der gesprekken , die zij hooren?
Hoe wil men, dat zij matig zullen wezen, wanneer
zij, die hen omringen, onmatig zijn? Hoe wil men,
eindelijk, dat zij aan de studie de voorkeur geven
Loven het vermaak, wanneer hunne ouders het ver-
maak boven alles stellen?
Neen, zóó is het niet, dat men eene goede op-
voeding kan te weeg brengen. Het voorbeeld moet
de eerste les zijn, die men aan een kind geeft.
Zijn gedrag en zijne zeden zijn veel gewigtiger dan
zijn onderwijs, want het is beter dat hij onwetend
zij dan bedorven:
Vlcunque dcfeccre mores;
Dedecorant bene nala cidpae,
horatids.
Gevoelt men dus noch den wil, noch de kracht,
om van gewoonten afstand te doen, die tegenstrijdig
zouden zijn met de nieuwe leefwijze, welke deze op-
voeding vereischt, dan moet men dezelve niet onder-
nemen: het goede kan van het kwade niet komen,
en de deugd zelve verliest veel van haar gezag in
den mond van iemand, die dezelve niet beoefent.
(1) De Japanezen zijn zoo omzigtig in hunne gesprekken,
dat zij nooit van het huwelijk spreken in het bijzijn Tan diegenen ,
die in hetzelve nog niet verbonden zijn. Indien in een gezel-
schap iemand, onbedacht, het gesprek hierop deed wenden,
staan de jonge lieden oogenblikkelijk op en verwijderen zich.