Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
loosheid bespottelijk zou zijn geweest, indien zij voor
hunne toekomst geene vrees had ingeboezemd;
en spoedig ontdekte ik, dat het kwaad in de nala-
tigheid of in de zwakheid der ouderen deszclfs oor-
sprong had.
Ik kan het niet genoeg herhalen; dit beginsel
van opvoeding is hetgeen het meest op het geluk
des levens invloed heeft, en ongelukkigerwijze
wordt bet het meest verwaarloosd. Ik zal daarvan
de reden zeggen met eene welligt al te strenge vrij-
moedigheid, die echter niet onregtvaardig zal zijn,
en mij de uitzonderingen niet uit het oog zal doen
verliezen. Ik zal alleenlijk aanmerken, dat deze zeer
zeldzaam zijn, en dat die huismoeder, welke denkt
dat zij eene derzelve is , somtijds daarvan het verst
verwijderd is.
üe huisselijke opvoeding is, over het algemeen,
die der grooten en rijken. Het kind gelooft zich
boven de anderen verheven, omdat het van dezelve
afgezonderd is; hij weet reeds vroeg, dal hij vermo-
gen zal bezitten en eenen aanzienlijken rang in de
maatschappij zal bekleeden; hij zuigt, om zoo te zeg-
gen, reeds van zijne geboorte af den hoogmoed en
de vooroordeelen in, welke in zijne familie heerschen;
en zijn rijkdom zijne ledigheid in zijne oogen regt-
vaardigende, gelooft hij dat hij niet verpligt is te
werken, omdat zijne voorouders voor hem gewerkt heb-
ben. Gewoon, dat de bedienden hem gehoorzamen,
dat zijne ouders al zijne begeerten inwilligen, dat
zijn leermeester aan al zijne grillen toegeeft, om
zich niet bloot te stellen zijne bediening te verlie-
zen , zal dit Isind in de zamenleving dien geest van