Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
269
sten of hunnen ouderdom (1). Te Athene zou hij
zijn vaderland eer hebben aangedaan, en de Laeede-
monische gezanten zijn voorgekomen, toen zij bij de
openbare spelen aan eenen grijsaard hunne plaats
afstonden.
Credebant hoe grande nefas et morte piaiulum,
Si juvenis vetulo non assurexerat.
juvenalis.
Welke rijpheid hij ook hebbe in denkbeelden en
verstand, de achting der anderen is hem niet vol-
doende ; hij tracht ook nog hun te behagen, en wil
aan de bevalligheden offeren. Hij weet, dat het de
groote geniën niet zijn, die het meest tot de veraan-
genaming der zamenleving bijdragen, en dat de gees-
tigheid gelijk is aan de kleinere munt, dat zij daar
het nuttigst is.
Van zijne teederste kindsehheid aan gewoon om zijnen
wil te onderdrukken, en om zonder ongeduld en
zonder morren aan dien van anderen toe te geven ,
kost het hem niets al de onaangenaamheden te dul-
den , waaraan men in de wereld is blootgesteld; en
wanneer men hem ook gadesla, men vindt in hem
altijd zachtheid, liefelijkheid, en somtijds iets van
dien versatile ingenium, welke zoo dikwijls noodig is.
Hij weet eindelijk, zoo als cicero zegt, cum iristibus
severe, cum senibus graviter, cum juventute comiter vivere.
(1) Nee sensus , nee darum nomen avorvm ,
Sed probitas magnos ingeniumque facit.
ÜTIDICS.