Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
231
daarop zou toeleggen. Zij zijn inderdaad aan den
smaak en de verbeelding vreemd, maar zij laten
bet onderrigt eenen grooten stap doen, door scherp-
zinnigheid en de gewoonte van nadenken te geven.
Een jong mensch moet dus, tot zijn nut en
zelfs tot zijn genoegen, eerst de geheele rekenkunst,
daarna dc gronden der algebra en meetkunst,
en zelfs een weinig de werktuigkunde beoefenen;
zijn lust en zijn aanleg bepalen den ouderdom,
waarop men hem eene studie moet doen beginnen,
die, behalve de algebra, niets moeijelijks heeft, en
als eene uitspanning kan worden beschouwd.
Ten aanzien van het kind, dat, ten gevolge van
den stand, waartoe men hem bestemt, genoodzaakt
is al de gedeelten der wiskunde te doorgronden,
aan hetzelve kan men dezelve niet vroeg genoeg
laten leeren. Het is noodzakelijk, dat zamenstellin-
gen en berekeningen, die hem zijn gansche leven
zullen bezig houden, hem vroeg gemeenzaam worden.
Dit kleine uittreksel kwam mij oordeelkundig en
doelmatig voor; ik kan niet beter doen, dan het
aan mijne lezers voor te stellen. Eenigen hunner
zullen misschien denken, dat niets zoo gemakkelijk
is dan zich op deze wijze van zijn geheugen te
bedienen, om spoediger en met minder moeite te
werken; maar ik wil mij niet op het gebruik be-
roepen , noch trachten mij te verontschuldigen ,
want ik ben volkomen van hun gevoelen.
LOGICA.
ISa de godsdienst cn de goede zeden is er in