Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
ter kennen, omdat de oplettendheid, welke hij ge-
noodzaakt is te verleenen aan eene taal, die hem
niet gemeenzaam is, noodzakelijk op de zaken terug-
gebragt wordt, hetgeen niet plaats heeft bij eene ge-
schiedenis, welke hij in zijne taal leert; hij zal de-
zelve beter kennen, omdat die beoefening zich uit-
strekt over den geheelcn duur van zijn onderrigt,
vermits de dichters en de redenaars, wier schriften
ook veelal tot het gebied der geschiedenis behooren,
op de geschiedschrijvers volgen, of daarmede ver-
cenigd worden ; hij zal, eindelijk , dezelve beter ken-
nen door de werking van die eerste indrukken,
waarvan ik de kracht en den duur heb aangetoond.
Ware het noodig, om nieuwe bewijzen te zoeken
voor derzelver invloed op onze wijze van zien en op
de gevoelens van ons geheele leven, dan zou men die
vinden in onze bewondering voor de ouden, in die
soort van hartstogt, welken wij behouden voor hunne
schriften, wanneer wij die met vrucht hebben bestu-
deerd. horatms, cicero, virgilius warcn de gezel-
len onzer jeugd; wij komen tot hen weder, als tot
het vaderlijk dak, met eene bijna godsdienstige tee-
derhcid en genegenheid; wij vinden met ben de ver-
getelheid onzer smarten, minder uit hoofde der ver-
troostingen , die zij ons aanbieden, dan wel omdat zij
ons eenen tijd herinneren , waarin wij geene droefenisscn
te vergeten hadden. Het zijn onze eerste en beste
vrienden. Die, ten minste, verlaten ons niet....
Zij vertoonen zich in de dagen der droefheid, en
schijnen, om zoo te zeggen, dankbaar voor de eer-
ste pogingen onzer jeugd; even als oude boomen
ons door de schaduw, die zij ons in onze laatste ja-
15