Boekgegevens
Titel: Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Auteur: Franken, G.
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 672 B 4
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204793
Onderwerp: Pedagogiek: pedagogiek: algemeen, Onderwijs: onderwijs: algemeen
Trefwoord: Opvoeding, Onderwijs
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Gedachten over de opvoeding en het onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
190
Ik verwacht wel dat deze meening talrijke legen-
sprekers zal vinden, en dat men mij zal verwijten,
dat ik een kind van acht jaren wil opvoeden, als of
zijn verstand reeds zoo ontwikkeld was, als dit
wezen zal, wanneer hij er achttien zal bereikt hebben.
Waarom niet, indien ik zeker ben om hem op zijn
twaalfde jaar zoodanig te maken, als het grootst
aantal der anderen het inderdaad met bun achttiende
zijn. Men zegt dikwijls dat men de kindschheid niet
genoeg kan verlengen, en men heeft gelijk, indien
men daai-mede bedoelt zijne zeden en zijne onschuld.
Maar waarvoor hebben dan toch zijne rede, zijn oor-
deel, zijn geheugen, zijn verstand te vreezen? Ziet
men niet, dat hoe meer men het uitstelt om zich daar-
mede bezig te houden, boe meer men zijne onwe-
tendheid en domheid verlengt? Neen, neen, laat het
kind, zoodra het spreken en lezen kan, iets leeren;
dat hij niets kenne, dat hem eenmaal onnuttig zal zijn;
dat zijne spelen zelfs hem de gelegenheid aanbieden
om zich met eenige waarheden te meer te verrijken.
Hij behoeft nog geen geleerde te zijn, maar men
moet hem de middelen geven om zulks tc worden.
Benuttig zijne kindschheid goed, en zijn rijpere ouderdom
zal goede vruchlen voortbrengen. Vergeet vooral niet,
dat deze eerste grondslag van zijn onderwijs onwrikbaar
is; het is aan u om te trachten, dat hij hel werk doe
gelden, dat men daarop zal plaatsen, en den bouw-
meester , die hetzelve heeft opgetrokken, eer aandoe.
Is het goed, dat een kind veel leze, zelfs de beste
werken? Ik deel hieromtrent niet in de algemeene
meening, cn zie hier waarom.
Dc beteekenis der woorden is hem tol zijn achtste