Boekgegevens
Titel: Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Auteur: Goeverneur, J.J.A.
Uitgave: Groningen: A.L. Scholtens, 1853
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 678 E 85
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204743
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Deugden, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Grootvader Jakob en zijne kleinkinderen: een vervolg op Vader Jakob en zijne kindertjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
' 67
geleden, had regt veel benaauwdheid uitge-
staan , doch was geduldig gebleven onder al
zijn lijden. Nu is hij dood en zal begraven
worden in het graf, waar zijn zusje Truitje
en zijn broertje Okko reeds lang gelegen
hebben. Zoo sprak Herman , en tranen rolden
over zijne wangen.
En het was geen wonder, dewijl Herman
een zachtaardige jongen was. Ook beminde
hij zijn meester zeer, zoodat diens verlies hem
ook ter harte ging.
De lieftalligheid en vlijt van Arnoldus had-
den Herman ook meermalen behaagd, zoodat
hij wel gaarne zou gewenscht hebben , dat het
lieve kind in het leven ware gebleven; doch
hij zeide eindelijk ;
»Lieve Moeder! hebt gij mij niet meermalen
gezegd, dat al wat God doet wèl gedaan
is?" — »0 ja, beste Herman," hervatte
daarop zijne moeder: »al willen wij menschen
het somwijlen anders, God weet altijd best,
wat voor den mensch het nuttigst is. Evenwel
staat het altijd goed, als wij brave ouders,
meesters, broeders en zusters verliezen, die
te betreuren; doch verder behooren wij in
Gods wijzen wil te berusten. Geen mensch kan