Boekgegevens
Titel: Leesboek voor katholieke scholen
Deel: 7
Auteur: Griendt, A. van de
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1898 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1121 : 1e dr. (dl VII)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204741
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor katholieke scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
61
de kaartjes controleeren. Eerst bekijkt hij de
voorzijde, waarop de naam der plaats staat,
waarheen men reist, dan de achterzijde, waarop
de datmn staat ingedrukt. Als bewijs, dat de
conducteur het biljet gezien heeft, knipt hij met
een tangetje een gaatje er in. Er zijn echter
ook stations, waar deze controle aan den ingang
geschiedt. Daar komt men dan gewoonlijk door
een gang onder den grond, tunnel geheeten,
in het station of op het perron. De treinen
kunnen dan aan weerszijden voorkomen, al naar
de richting, waarin zy gaan. Stations, waar de
treinen aan beide zijden kunnen voorbijrijden
en die men slechts door een tunnel kan bereiken,
heeten eilandstations. Zulk een station vindt
men bijv. aan den Hollandschen Spoorweg te
"s Gravenhage. Daar moeten dan de reizigers,
die dezelfde richting uitgaan, aan denzelfden
kant in den trein stappen, wat zeer geschikt is
om abuizen te voorkomen.
Wanneer men aan de zijde van den spoorweg
langs een station wandelt, ziet men verschillende
borden uitsteken, waarop staat aangewezen welk
deel van het station daar is. Wachtkamer Ie
klasse, 2e klasse, 3e klasse, Damessalon, Res-
tauratie, Stationschef, Plaatskaarten-buréau en
Retirade Avorden hierdoor aangewezen.
Wanneer men op de plaats van bestemming
is gekomen, waarschuwen de conducteurs en
stapt men uit den trein. Vóór men echter het