Boekgegevens
Titel: Leesboek voor katholieke scholen
Deel: 7
Auteur: Griendt, A. van de
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1898 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: P.B. 1121 : 1e dr. (dl VII)
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204741
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leesboek voor katholieke scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Een scliip, dat trappen klimt.
Trappen klimmen is geen gemakkelijk werk,
maar ieder, die gezond van lijf en leden is,
kan het toch. Zieke of gebrekkige menschen,
kunnen niet of hoogst moeielijk trappen klimmen.
Onder de dieren zijn er ook, die heel goed
trappen khmmen kunnen, maar er zijn er ook,
die het geheel niet kunnen: paarden, koeien,
olifanten bijv. kunnen het niet.
Maar een schip, dat trappen klimt! Dat is
zeker al heel vreemd. Ja en toch gebeurt dat.
't Spreekt van zelf, dat de trappen van water
zyn en niet zoo heel smal, anders zou een
schip er niet op kunnen liggen. Maar waar vindt
men zulke trappen van water? Dat zal ik u
zeggen.
Van Maastricht tot 's Hertogenbosch loopt
een kanaal, de Zuid-Willemsvaart geheeten, dat
gedeeltelijk door België gaat, Hoe dit komt,
moet gij maar eens vragen.
Dit kanaal nu ligt aan het einde 40 Meter
lager dan aan het begin. Dit kan haast niet,
zou men zeggen, want dan zou al het water
naar het uiteinde stroomen en aan het begin
zou het kanaal droog zijn. Zoo is het en daar-
om heeft men op verschillende afstanden sluizen
in het kanaal gezet om het water" tegen te
houden. In het geheele kanaal zyn zoo 20 paar