Boekgegevens
Titel: Zuid-Holland: leesboek ten dienste van het lager onderwijs
Auteur: Jansen, J.F.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 513 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204718
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Zuid-Holland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zuid-Holland: leesboek ten dienste van het lager onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
65
Wie de stad met eene stoomboot nadert, heeft
dadelijk een schoon stadsgezigt, en binnen en om
Dordrecht wandelende, ziet hij overal drukte en handel.
De inwoners, wier getal meer dan 22000 beloopt, le-
ven van fabrieken, den handel en het scheepstimmeren.
Men heeft er omstreeks vijftig instellingen voor fabriek-
arbeid, waaronder eene fabriek van stoomwerktuigen,
twee ijzergieterijen en meer dan dertig molens, die
evenwel maar gedeeltelijk op het gebied dezer stad staan.
Op acht scheepstimmerwerven vinden nog zeer vele
menschen hun bestaan, hoewel in onzen tijd deze werk-
plaatsen niet meer zoo geregeld drukte hebben als
vroeger. Eertijds was in den handel meer gestadige
levendigheid dan tegenwoordig, en gij begrijpt ligtelijk,
dat de scheepsbouw geheel afhangt van den handel.
De molens, waarvan gesproken werd, zijn meestal hout-
molens. De omzet in hout is te Dordrecht zeer aan-
zienlijk. Met lange vlotten wordt dit handelsartikel uit
het bovenland de rivieren afgevoerd en van hier door
de kooplieden allerwege afgeleverd. Het eikenhout,
dat in het groothertogdom Baden groeit, wordt bijna
alleen voor rekening van nederlandsche kooplieden af-
geleverd , en strekt vooral, om daarvan schepen te bou-
wen. — Zeer aanzienlijk is te Dordrecht ook de handel
in wijn, vooral in rijn- en moezelwijnen, — verder in
granen, koloniale waren, steenkolen cn kalk. In vroe-
geren tijd was hier de handel evenwel veel drukker,
omdat de riviermonden minder ondiep waren cn omdat
Dordrecht het stapelregt bezat, —dat wil zeggen, de
koopgoederen, welke voor de stad kwamen, moesten
er te koop geveild of in andere vaartuigen overgeladen
worden.