Boekgegevens
Titel: Zuid-Holland: leesboek ten dienste van het lager onderwijs
Auteur: Jansen, J.F.
Uitgave: Schoonhoven: S.E. van Nooten, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 513 K 70
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204718
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Zuid-Holland, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Zuid-Holland: leesboek ten dienste van het lager onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
33
pelen in October uit den grond zijn gehaald, worden
de bloembollen gepoot, die wel op uijen gelijken. In
den winter blijven ze in den grond, maar ze worden
goed toegedekt, omdat bloemen teére planten zijn.
In Februarij beginnen de bollen uit te loopen, en als
het weder zachter wordt, vertoont zich ook al spoe-
dig de bloem. Zoo kan men in April heele velden
met de prachtigste bloemen zien, die sterke, wel-
riekende geuren rondom zich verspreiden; allerlei hel-
dere en fraaije kleuren ziet men naast elkander, zoodat
men zich verbeeldt in één grooten bloemhof te wezen.
Maar de bloemist snijdt al die fraaije bloemen af, laat
de bollen nog tot Junij in den grond, om te groeijen,
en rooit ze daarna. In den herfst, nadat zc gedroogd
zijn, worden de bollen in kisten gepakt en verzonden.
Niet alleen in ons land, maar ook in DintscMand,
Frankrijk, Engeland, Zweden, Rusland en zelfs in
Noord-Amerika worden Ilollandsche bloembollen ge-
kocht en met hooge prijzen betaald. De bloementeelt
is eene zeer winstgevende zaak, en daarom vindt men
in de genoemde dorpen weinig armoede; maar tege-
lijk vordert die tak van landbouw groote bekwaam-
heid en onophoudelijke zorg.
Het aangenaam gelegen Hillegom, omgeven door dc
fraaiste wandeldreven en landgoederen, ligt in de na-
bijheid van den Haarlemmermeerpolder. Het uitge-
strekte landgoed van den heer wilson behoort tot die
gemeente. Vroeger zagen de inwoners van Hillegom
op de onafzienbare watervlakte van het meerde schepen
varen, — thans zien ze alleen vaartuigen in het ring-
kanaal, dat men om den polder heeft gegraven. Daar-
achter is het nu reeds alles wei- en bouwland; waar
3