Boekgegevens
Titel: First English reading book: Engelsch leesboek voor instituten, gymnasiën en hoogere burgerscholen: met Nederlandsche woordenlijst
Auteur: Herrig, Ludwig
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1869 *
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 513 H 21
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204683
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Leesvaardigheid, Engels, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   First English reading book: Engelsch leesboek voor instituten, gymnasiën en hoogere burgerscholen: met Nederlandsche woordenlijst
Vorige scan Volgende scanScanned page
•265
fjekleed, troubled, verward, dejected, neerslachtig, that 1 do, dai het.,., met mij gaaf..
tone of despondency, moedeloozen toon, dull, slap, wages, loon, tough, taaiy moeilijk.
getting along, er door te komen. I am sorry, het doet me leed. earn, verdienen, steady,
msi. pound, pond sterling (12 gl.). business, zaak, vak. the substi^tion, het in de
plaats stellen, steam-engine, locomotief, railroad, spoorweg, turn-pike, tolhek^ hier:
draaiweg, has broken in upon, heeft benadeeld, haruess-making business, het tuigmaken.
to average, door elkander verdienen, the year round, het geheele jaar door, wrought van
1.0 work, gewerkty te weeg gebracht, especially, voornamelijk, heavy waggou trade,
oerkeer met zware lastwagens, broken up, opgehouden, that's all, meer 7iiet, will not
support them, is niet genoeg om hen te onderhouden, to get, komen, business, vak.
mused, peinsde, dacht na. for awhile, een poos. newly-projected, nieuw geprojecteerd.
about, op het punt. to put, plaatsen, aanstellen, a company, een corps, een aantal.
engineer, ingenieur, for the purpose of, om. surveying, op te meten. locating, af te
hakenen. engineering, ingenieursvak, correct knowledge, nauwkeurige kennis, if so, zoo
Ja. to use, aanwenden. laten , doen. di^'^^ixnic^ , aangesteld, \\\Gir: aanstellen, chosen
ran to choose, gekozen, requisite, vereischt. revive, opgefrischt hebt. early, vroeger.
darker, donkerder, rested, geruft, there, er op. fell upon, viel op. slightest, geringste.
pretended, gaf voor, deed alsof, permanent impression, blijvende indruk, mind, geest.
in real concern, wezenlijk bekommerd, accouutani, rekenaar, to get, krijgen^ plaatsen, store,
magazijn, respect, opzicht. I took litte interest, ik stelde weinig belang, figures, cijfers.
of taking charge, mij te belasten, totally, geheel en al. set, steh sending out, uitzenden,
consigneeren. assorted cargo, keurige lading, thence = from there, round, rond {Kaap
Hoorn of Amerika) want, heb noodig. super cargo, opziener over de lading, to direct in,
besturen, leiden, really concerned for, wezenlijk begaan met. to serve, van dienst zijn.
labourer, daglooner. employed, gebruikt, chain-carring, het dragen van de ketting, to,
mor. proposed railroad expedition, voorgenomen spoorweg-onderneming, board, kost.
thankfully, dankbaar, ready, gereed, klaar, at once, terstond, to ^i-axi, vertrekken.
withdrew van to withdraw , zich vericijderen.
Bladz. 3.
To take an advice, den raad volgen, to store up, verzamelen, to fill an office, een
ambt, een betrekking bekleeden. iadced, inderdaad, position of usefulness and profit,
nuttige en voordeeHge betrekking, held van to hold, bekleeden. to improve, zich ten nutte
maken, afforded, verschaft, perceived, bemerkte, zag in,
8. Hand-breadth, handbreed, tale, sprookje, vessel, schip, sail, zeil. eagle, arend.
darting down, neerschietend, prey, prooi, arrow, pijl. mocking, spottend, pursuing,
rervolgend, nastarend, sight, gezicht, oog. short lived, kortstondig, fading, verwelkend.
rainbow, regenboog, shower, bui. momentary, vluchtig, smiling, glimlachend, torrent,
bergstroom, rapid, snel. stream, stroom, closing, sluitend, afloopend, watch, jmcht. dying,
'oegsteroend. bubble, icaterbel. sigh, zucht.
4. Try again, beproef {probeer) het nog eens. lad, knaap, to lay aside, ter zijde
leggen, busily engaged, druk bezig, kite, vlieger, to bang down, laten hangen, to start,
springen, it is no use, het is te vergeefs, to get, krijgen, in het hoofd krijgen, should,
behoort, in reference to, met betrekking tot, omtrent, anything you please, al wat gij
wilt, to persevere, volharden, and so I have, dat heb ik ook. to remember, onthouden.
to urge, aanvoeren, if I were to promise, als ik eens beloofde, holiday, eendagvacantie.
pretty, vrij, tamelijk, the idea of having, de gedachte dat gij zoudt hebben, to keep,
doen blijven, exactly, to take delight, genoegen vinden, to play at marbles, knik-
keren. to beat, slaan, het winnen van. flies highest, het hoogst gaat. skating, hef
schaatsenrijden, to cut, snijden, met mijn schaatsen maken, figure, cijfer, to form, vormen,
maken-, hier te vertalen door ook. you are fond of, gij houdt veel van. flying your kite,
uw vlieger op te laten, playing at hall, het balspel te spelen, too fond, te veel. you are
deceiving, gij bedriegt, give another effort, doe een nieuwe poging, to get ready, klaar
/rijgen, Be in earnest, leg er u in ermt op toe, to show, toonen, laten zien. it requires,