Boekgegevens
Titel: De houtslöjd: handleiding voor onderwijzers in handenarbeid en voor zelfonderricht
Auteur: Stam, J.
Uitgave: Amsterdam: Versluys, 1894
Opmerking: Eerste deel
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1085
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204670
Onderwerp: Recreatie, vrijetijdsbesteding: handenarbeid
Trefwoord: Handvaardigheid, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De houtslöjd: handleiding voor onderwijzers in handenarbeid en voor zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
277
lengte de zijvlakken zoowel aan het achtervlak als aan
het plankje F, waarna men den bodem op de vier vlak-
ken vastmaakt, zoodanig, dat de kanten der vlakken C
en D overal i cM., die van vlak E echter 2 cM. uitste-
ken. (Zie fig. 311).
Nu spijkert men het bovenvlak op de 3 opstaande
zijvlakken, (fig. 311 duidt nader aan, hoe dit moet ge-
schieden en waar de draadnagels moeten worden aan-
gebracht.)
Deze laatste kunnen 3 cM. lang zijn en moeten vooral
op het bovenvlak beneden de oppervlakte „gedreveld"
worden, d. w. z. ingeslagen beneden de houtopper-
vlakte.
Een slijpplank met zandbak.
Dit voorwerp (fig. 312) bestaat uit de eigenlijke plank
en het bakje. De plank maakt men van vuren- of
grenenhout, 60.5 cM. lang, 10.5 cM. breed en 1.7 cM.
dik. Na het schaven aan alle zijden worden de afme-
metingen teruggebracht tot 60 cM. lengte, 10 cM.
breedte en r.5 cM. dikte.
Aan een der zijden worden de punten afgezaagd en
bijgeschaafd. Op 2 cM. afstand van het boveneinde
wordt een gat geboord en op de schuine zijden een
kleine versiering aangebracht, als fig. 3i2i^ aangeeft.
Het bakje, waarvan de zooeven omschreven slijpplank
den achterkant uitmaakt, wordt vervaardigd van hout,
dat 36 cM. lang, 18 cM. breed en 1,2 cM. dik is.
Eerst wordt dit geschaafd op 17 cM. breedte en i cM.
dikte, terwijl een der kopkanten eveneens bijgeschaafd
wordt. Is dit geschied, dan teekent men daarop achter-
eenvolgens de beide trapeziumvormige eindvlakken B