Boekgegevens
Titel: De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Auteur: Berg-Stomp, T. van den
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1887
3e, veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1286
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204663
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Textiele werkvormen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Vorige scan Volgende scanScanned page
86
zoomsteken wordt bevestigd. Nu omgeeft men de splitkanten en
den onderkant der mouw aan de rechterzijde door eene rij
stiksteken en voorziet haar, tot sluiting, met knoop en knoops-
gat. De zijnaden van den romp worden vervolgens door over-
handsche steken bevestigd; men meet naar do mouw hoe groot
het armsgat moet zijn en laat voor het beensplit evenveel open
als voor dat armsgat. Dan legt men de onderzoomen, waarna
men de beenhoekjes inzet. Aan deze vouwt men vooraf, aan de
4 kanten, elk een' inslag en voegt ze dan zoo in het split, dat
eene der punten juist aan den overhandschen naad van den romp
sluit. Twee kanten van het hoekje worden met overhandsche
steken aan den romp bevestigd; de andere twee worden op deze
overhandsche steken neergezoomd. Men zorge daarbij, dat de
tegenover elkaar liggende punten juist op elkander vallen. De
hoekjes hebben nu den vorm van een' driehoek, welks schuine
zijde men aan den rechten kant met eene rij stiksteken bewerkt.
Om den hals te knippen verdeelt men het hemd van boven in
3 gelijke deelen, en knipt het middelste van deze recht met den
scheerdraad door. Het borstsplit knipt men zoo lang, dat de
lengte der insnijding gelijk komt met de onderzijde van het arms-
gat en op dezelfde horizontale lijn ligt. Men kan het borstsplit,
evenals bij een eenvoudig vrouwenhemd, zoomen of wel van een
beleg voorzien. Is dit werk verricht, dan brengt men de schou-
derstukken aan, waarna men de schouderstrepen opstikt. Het
midden van de breedte dezer strepen moet op de boven stofvouw
van den romp vallen. Men kan den schouderstreep over het
midden van het schouders tukje leggen en men kan ook den schou-
derstreep zoover inknippen, als de schouderhoekjes aan de recht-
hoekszijden lang zijn , waardoor het mogoljjk is den schouderstreep
bij het stukje langs te leggen. Wil men den halsboord opzetten,
dan verdeelt men hem vooraf in 4 gelijke deelen, steekt achter,
in 't midden van elk schouderstukje eene speld, waardoor ook
dat halsgat in 4 gelijke deelen is verdeeld, en rimpelt dan het
halsgat in. Is het borstsplit gezoomd, dan begint men 2 cM. van
den kant van den zoom in te rimpelen; is het met een beleg
voorzien, dan begint men dit werk precies van dit beleg af.
Jongenshemden krijgen geene kragen en schouderstrepen.