Boekgegevens
Titel: De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Auteur: Berg-Stomp, T. van den
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1887
3e, veel verm. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 1286
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204663
Onderwerp: Afzonderlijke kunstvormen: textielkunst
Trefwoord: Handwerken, Textiele werkvormen, Vakdidactiek
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De vrouwelijke handwerken in verband met de invoering volgens de Wet van 17 Augustus 1878 (STBL. no. 127)
Vorige scan Volgende scanScanned page
58
Eindhoven en in Twente wordt vervaardigd. Het Bielevelds
linnen wordt zoo genoemd naar Bieleveld , waar het gefabri-
ceerd wordt. Dit is het fijnste van de weefsels die we noemden.
Het Vlaamsche linnen onderscheidt zich door zijne geel-
grauwe kleur e-: door zijne grootere breedte van de genoemde
soorten.
Graslinnen, dat in Manchester wordt gefabriceerd, is eene
zuiver katoenen stof, die gebleekt en geappreteerd (geglansd) is.
De linnens zijn meestal 85 cM. breed.
Ruwe of ongebleekte katoen kenmerkt zich, voor zoo-
ver de fijnste soorten betreft, doordat ze zooveel mogelijk vrij
is van kleine, zwarte nopjes of bolstertjes, die bij de goedkoope
of slecht bewerkte soorten nog al in de stof aanwezig zijn. De
beste en zwaarste soort van ruwe katoen heet watertwist, en
wordt, daar het, evenals Ylaamsch linnen, zeer breed te ver-
krijgen is, gebruikt voor trekgordijnen.
Bij de gebleekte katoen onderscheidt men: madapolam,
shirting, gebleekte watertwist en baptist. Fransche
madapolam is de beste dezer soorten, terwijl shirting eene der
beste Engelsche soorten is. Van de gebleekte watertwist verdient
de Engelsche, gemerkt „Wigan", de voorkeur.
Fijne, met figuren doorweven katoen, noemt men ook gewerkt
baptist of brillantine.
De kepers worden onderscheiden in Engelsche en Fransche;
van de Engelsche kepers is de eene soort zeer zwaar en gevuld,
de andere uiterst fijn en fraai; de Fransche keper houdt het
midden tusschen de twee vorige. De bij ons te lande gebruikte
kepers zijn meest alle inlandsch fabrikaat; ze worden veel te
Neede vervaardigd.
Men noemt eene stof keper, als de inslagdraden zóo door de
scheerdraden loopen, dat deze in schuine richting lijnen vormen,
die vooral aan de rechte zijde van 't fabrikaat zichtbaar zijn.
Verder noemen we nog amersfoort en marseille, twee
veel met elkander overeenkomende weefsels, die een streeppa-
troon vormen en eene duidelijk te onderscheiden rechte en
keerzijde vormen.
Molton is een weefsel waarvan de scheerdraden veel fijner