Boekgegevens
Titel: Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Auteur: Spaan, J.
Uitgave: Amsterdam: H.J. van Kesteren, 1859
2e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1140 G 17
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204638
Onderwerp: Onderwijs: primair onderwijs
Trefwoord: Aanschouwelijk onderwijs, Didactiek, Lezen, Vormleer (wiskunde), Onderbouw (onderwijs), Lager onderwijs, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
3G
9. wat van dezelfde stof gemaakt is, bijv. wat van leder,
glas, katoen, papier, ijzer, hout enz. is,
10. wat dezelfde kleur heeft, rond is, enz.,
11. viervoetige dieren, tweevoetige of vogels,
12. kruipende dieren, visschen,
13. al, wat op bepaalde plaatsen is, bijv. al, wat in den
stal, op de markt, in den kelder enz, is,,
14. al, wat ligt, zwaar, hoog, laag, lang, kort, breed, smal,
dik of dun is.
Veel kan men tot deze verstandsoefening overnemen uit het
werkje: handleiding tot denk-, spreek- en sehrijf-oefeningen voor
de volkscholen, te Oouda, bij van Gooe. —
c. tijdsveedeeling.
Men begint met hetgeen den kinderen 't best bekend is,
en dat zal wel de dag zijn in onderscheiding van den nacht.
Aan dit bekende wordt wederom, als overal elders in 't onder-
wijs , het onbekende verbonden. Men leert de onderscheidene da-
gen vereenigen tot weken, deze tot maanden, hare benaming, de
maanden tot jaren, de indeeling daarvan, enz.
Zie hier een voorbeeld van behandeling, waarbij tevens aange-
toond wordt, hoe deze kundigheid tot verstandsoefening kan aan-
gewend worden, —
(Aanspraken, antwoorden enz. worden, om plaats te winnen,
weggelaten, ofschoon de laatsté natuurlijk veel invloed op de vra-
gen hebben. Het is te doen, om de hoofdzaak aan te geven,
dan zal men naar een gegeven antwoord ook wel de vragen kun-
nen leiden.)
Welke dag is het van daag? Welke dagen zijn er meer? Hoe
noemt men zeven dagen? dus:
Ee7ie week heeft zeven dagen.