Boekgegevens
Titel: Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Auteur: Spaan, J.
Uitgave: Amsterdam: H.J. van Kesteren, 1859
2e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1140 G 17
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204638
Onderwerp: Onderwijs: primair onderwijs
Trefwoord: Aanschouwelijk onderwijs, Didactiek, Lezen, Vormleer (wiskunde), Onderbouw (onderwijs), Lager onderwijs, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
29
2. de ooren, regter en linker,
d. tiet achterhoofd.
1. Het haar.
II. DE HALS. a. De voorhals,
b. de nek,
O. En nu, kinderen! is het hoofd en de hals af. Op het
hoofd volgt:
K. De romp.
O. Daarvan hebben wij de 2 hoofddeelen leeren kennen,
n. 1.: het bovenlijf en het onderlijf. Wijst en noemt die nog
eens.
K. (Zij doen het.)
O. Wel, waaruit bestaat het bovenlijf? Wat is dit? hoe heet
dit? (Hij wijst aan.)
K, (Zij zwijgen.)
O. Dit deel van het bovenlijf noemt men de borst. Zegt en
wijst dit nu.
K. De borst.
O. Waarvan is de borst een gedeelte?
K. Van het bovenlijf.
O. Zegt dan eens: de borst is een gedeelte van het bovenlijf.
K. (Zij doen het.)
O. Hoeveel borsten hebt gij?
K. Ieder mensch heeft eene borst.
O. Onder aan de borst is een kuiltje, een kleine diepte,
dat men het hartputje noemt. Zegt dan eens, terwijl gij het
wijst: onder aan de borst is het hartputje.
K. (Zij doen het.)
O. Verder hebben^ wij hier (hij wijst) beenderen, groote en
korte ribben genaamd, die men naar de zijden van ons ligchaam
onderscheidt in regter- en linkerribben, aan elke zijde 12. Waar
zijn nu de regter-? waar de linkerribben? Waar is de borst?
Waar het hartputje? Wat was het eerste van het bovenlijf? Waar-
toe dient de borst? Welk deel van het bovenlijf is de borst?
K, Het voorste gedeelte.