Boekgegevens
Titel: Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Auteur: Spaan, J.
Uitgave: Amsterdam: H.J. van Kesteren, 1859
2e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1140 G 17
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204638
Onderwerp: Onderwijs: primair onderwijs
Trefwoord: Aanschouwelijk onderwijs, Didactiek, Lezen, Vormleer (wiskunde), Onderbouw (onderwijs), Lager onderwijs, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
139
Wanneer dit werk eenmaal in de week verrigt wordt, dan
zal de tijd welligt daarmede verstreken zijn, als zij tot de Mid-
delste Klas zullen overgaan.
Natuurlijk leert men hun middelerwijl de cijfers schrijven,
en gaat wederom telkens niet verder, dan nadat zij liet voor-
gaande goed deden. Het verdient opmerking, dat er oplettend-
heid vereischt wordt, om niet de verkeerde halen dik te ma-
ken. Het gebruik heeft gewild, dat ze aldus worden gemaakt:
V, X, M; ik zeide dik, omdat de Eomeinsche cijfers dan eerst
fraai voorkomen, als zij kort en dik zijn.
Indien de kleinen alle getallen tot 1000 kunnen uitspreken en
verklaren, en er nog tijd overschiet, zou men deze oefening,
op dezelfde wijze, tot MMMIM kunnen voortzetten, maar dan
stuit men op den regel, om niet viermaal dezelfde letter naast
elkander te plaatsen. Om dit laatste te voorkomen, gaat men op
die wijze te werk, zoo als men vroeger op munten, opschriften
en gedenkteekens groote getallen schreef, door namelijk de hon-
derden en duizenden ter regterzijde bovenaan te plaatsen, en
wel de helft kleiner dan de cijfers van het getal, b. v.: 11"^,
111=, V'^, IV"; en als men dan de millioenen afdeelt door
staande streepjes, kunnen alle mogelijke getallen op deze wijze
geschreven worden.
De oorsprong van het Eomeinsche cijferschrift is zeer aardig
beschreven in de rekenkundige mengelingen van Slcitees ,
eerste aflevering, en in het liekenkundig Magazijn,
3. Rekenoefeningen.
Gelijktijdig reeds met het leeren uitspreken van getallen in
Eomeinsche en Arabische cijfers, is het nuttig de kinderen
voorbereidende Eekenoefeningen te laten maken. Zeer goed is
daarin voorzien door een klein boekje van den Heer Geeeligs,
verkrijgbaar bij Bohn te Haarlem, dat men op den voet kan
volgen, en als het ware de toepassing der Getalleer (voor een
groot deel) in cijfers en teekens geeft.