Boekgegevens
Titel: Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Auteur: Spaan, J.
Uitgave: Amsterdam: H.J. van Kesteren, 1859
2e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1140 G 17
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204638
Onderwerp: Onderwijs: primair onderwijs
Trefwoord: Aanschouwelijk onderwijs, Didactiek, Lezen, Vormleer (wiskunde), Onderbouw (onderwijs), Lager onderwijs, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
binnen en buiten.
Daarvan zullen we de voeten nader bekijken. Wat doen we
met de voeten? Wat kunnen wij er mede doen? Als we geene
voeten hadden, wat dan? enz. (Zedelijke toepassing.) Aan die
vdeten onderscheiden wij:
7 *
99
d. de ringvingers, van de r. en 1. hand,
en e. de pinken, ----------.
Daarin kan op gewone wijze veel oefening plaats hebben. Ver-
der beschouwen we die vingers in:
1. de geicrichten, (zooals de duim er 2 en
andere vingers er 3 hebben).
2. de knokkels (bovenaan die gewrichten). j
Door die gewrichten zijn:
3. de leden der vingers, (van de duimen 2 en
van de andere vingers 3).
Voor aan de uiterste einden dier leden:
4. de toppen der vingers,
En op die toppen 5. de nagels der vingers.
Alles wordt onderscheiden naar regter- en linkerhand, en
voorts naar eiken vinger, waardoor veelvuldige verscheidenheid
ontstaat en veel stof tot onderhoudend opmerken, denken en
spreken geleverd wordt.
Zoo dan zijn wij genaderd tot het laatste deel, de overige
ledematen, n. 1. de beenen. Wat is daarvan geleerd?
De bovenbeenen, regter en linker.
1. De billen, » » " >
2. de dijen, « » * .
De onderbeenen, » «
1. De scheenen, u «
( onaer-
2. de kuiten, // » fschenkel. "J
3. de voeten, // n
De gewrichten zijn aan:
1. de heupen, regter en linker ,
2. de knieën, » «
3. de enkels, » n " 1 s