Boekgegevens
Titel: Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Auteur: Spaan, J.
Uitgave: Amsterdam: H.J. van Kesteren, 1859
2e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1140 G 17
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204638
Onderwerp: Onderwijs: primair onderwijs
Trefwoord: Aanschouwelijk onderwijs, Didactiek, Lezen, Vormleer (wiskunde), Onderbouw (onderwijs), Lager onderwijs, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding voor aankomende onderwijzers tot een doelmatig klassikaal-onderwijs, aan de laagste klasse eener lagere school, tevens nuttig voor bewaarscholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
92
om niet ? niet weggegeven ? neen ? gij zoudt hem toch wel willen
missen! ? ook niet ? nu , dan mogen wij hem ook wel eens goed
bekijken. Zegt eens, waar is uw neus?
K. Be neus is in H midden van liet gezigt, onder 't voor-
hoofd, hoven den mond, tusschen de oogen eii de wangen.
O. Dat is wel naauwkeurig. Nu weet ik, waar mijn neus
zit. Voelt eens boven op uw neus; niet knijpen! daar is iets
hards. Voelt ge dat wel ? wat zou dit wezen, vleesch of been ?
zou het ook hout kunnen zijn? waarom niet? enz. Juist, het
is been, en daarom noemt men dit ook:
1. het neusbeen.
Dit neusbeen is hard en oubuigzaam. Is dat altijd zoo met
been ? Onder het neusbeen ligt.....?
K. 2. Het neusschot.
O, Wijst en zegt dit eens. Dit neusschot is beenachtig,
buigzaam,, beweegbaar. Dat is geheel anders, dan het neus-
been, niet waar? Maar hoe heet dat, daar boven den neus?
K. 3. B,ug van den neus.
O. Ja, de rug van den neus gaat van het voorhoofd af
over het neusbeen en het neusschot. Jlaar wat liggen daar aan
de zijden van den neus? of liever: aan de zijden van het neus-
schot ?
K. (Zij weten het niet.)
O. Dat noemt men
4. de neusvleugels.
Hier (hij wijst) is de regterneusvleugel, en
id daar is de linkerneusvleugel.
En het buitenste eindje van den neus is.....?
K. De top van den neus.
O. Ja, onder aan den rug van den neus ligt dus----
5. Be top van den neus.
Daarin zit een zachter soort van been, dat men kraakbeen noemt.
En die gaten tusschen het neusschot en de vleugels, hoe hee-
ten die?
6. de musgaten.
Dit is het.....? (Hij wijst.)
A. Eegterneusgat.
O. En dit is het.....?