Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
60
zoo smakelijk zou hebben gevonden, dat hij aan die
plek gronds den naam (Ji (water) rièoen (garnalen) zou
gegeven hebben.
5. De Residentie tagal
wordt ten noorden door de Javasche Zee, ten oosten
door de Residentie Pekalongan, ten zuiden door de
Residentie Banjoefnaas en ten westen door dezelfde
Residentie en die van Cheribon bepaald, en bevat op
60 v. m. ruim 202000 inwoners.
Luchtgesteldheid. Warm, gelijk meestal aan de kust,
doch op het gebergte in de ommelanden iets koeler.
Bergen. Ten westen is een gebergte, waaruit vele
riviertjes ontspringen; in het zuiden de Gedee of Tagal,
8000 voet hoog, met eenen krater, waaruit steeds rook
en soms ook vuur opstijgt.
Rivieren en ajidere wateren. ïie Lossarie, de Sawoed-
jodjar, ook Pomali genoemd, de Gangsa, de Moera-
baya, de Pelawangan en de Pemalang.
Voortbrengselen. De grond is zeer vruchtbaar, vooral
in rijst; verder heeft men jagong , tabak, indigo, katjang,
voor olie, koffij, boomvruchten enz.; veel buffels, op
de hoogten tijgers, veel rivier- en zeevisch.
Verdeeling. In de Regentschappen Tagal, Pemalang
cn Brebes.
De voornaamste plaatsen zijn :
Tagal, de hoofdplaats, eene kleine stad, doch van
grootschen aanleg, met een onbeduidend fort en opene
reede. Onder de gebouwen munt het Stadhuis uit,
een vrij oud gebouw, doch hecht en ruim; voorts
het Residentie-Huis , dat in der tijd met veel smaak is
aangelegd, en een aantal fraaije steenen huizen, thans
grootendeels in verval. Onder de rustige en nijvere
bevolking telt men smeden, timmerlieden, steenhou-
wers en visschers. De roodverwerij van kleedjes ver-
staat men hier beter dan op de meeste plaatsen. Onder
de Chinezen zijn de meeste kooplieden, en zij drijven
een' belangrijken kusthandel. Eene breede laan voert
midden door eene vruchtbare landstreek naar Banjarang,
alwaar de Resident eene aangename woning heeft, met
een fraai uitzigt op den steeds rookenden Vulkaan Tagal;
vóór het huis is eene ruime marktplaats.
Pemalang, een fort, dat tegen een inlandsch beleg
bestand is. 6.