Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page

schcn, waarin geen licht doordringt, maar minder
wilde dieren. Men vindt er veel bnlFels en in het
district Koeningan sterke paarden, die als een edel ras
gezocht worden; verder rundvee, hoenders, wild ge-
vogelte , rivier- en zeevisch. Ten oosten van Cheribon,
in de baai of bogt van Moendo, verschijnt op zekeren
tijd van het jaar bij duizenden eene vischsoort, welke
nergens anders langs de noordkust van Java wordt
bespeurd. Deze visch, ikan-proet (buikvisch), is
iets grooter dan de kabeljaauvv, en draagt zijnen
naam, omdat de buik, als een zeer smakelijk geregt,
gezouten en gedroogd, door geheel Java, vooral naar
Batavia, wordt verzonden.
Ferdeeling. Deze Residentie wordt in de Assistent-
Residentie Indramayoe en de afdeelingen Madja-Lengka,
Koeningan en Galoe verdeeld, die weder in verscheidene
onderafdeelingen gesplitst worden.
De voornaamste plaatsen zijn :
Cheribon, de hoofdplaats. Deze ligt aan den dubbelen
mond der Tji-ribon, welke door eene modderbank ge-
sloten is. Het fort de Beschermer, dat tot beveiliging
der reede, tegen het oosten open, moet strekken, is
van weinig beteekenis, vooral sedert het kruidhuis, in
October, 1835, is gesprongen. Bij die ramp heeft
het fort groote schade geleden. De stad, hoewel on-
regelmatig gebouwd, heeft breede straten en getuigt
van vroegere welvaart. De Europesche wijk is verval-
len , doch de Chinesche groot en volkrijk. De
voormalige Sultans van Cheribon hebben hier hunne
dalems of paleizen, en eene der fraaiste moskeen van
het geheele eiland is te dezer stede. Omtrent drie
palen meer binnen 'slands, te Tangkil, staat het Resi-
dentie-Huis, in eene frissche en gezonde lucht. De
stad is sterk bevolkt, en er heerscht nijverheid; het is
echter nog niet vele jaren geleden, dat eene lustelooze
onverschilligheid zich hier en in de geheele Residentie
van de bevolking scheen te hebben meester gemaakt.
Men zag toen om de stad vele bedelaars, die inet eene
soort van melaatschheid bezocht waren.
SoengiC' Ragie, twee palen van Cheribon landwaarts
in, is een lusthuis van een' der voormalige Sultans.
Grootendeels bestaat het uit kunstig grotwerk, met
beelden en versieringen, meestal in Chineschen smaak.
Het boeit door onbegrijpelijke afwisseling en zonderlinge
bouw-