Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
543-
Het eiland fVaigeeiiw, sedert lang bij de Nederlan-
ders bekend als onderhoorig aan Tidor, is in de te-
genwoordige eeuw door de voornaamste Fransche reizi-
gers , als Freycinet, Duperrey en Dumont
d' U r v i 11 e , bezocht; waardoor, onder andere, de
juistheid is gebleken van de opneming der zuidkust door
de Nederlanders vóór meer dan eene eeuw. De Ka-
bilo-, of Reembaai, welke het eiland in een ooster-
en vvester-schiereiland verdeelt, is door Duperrey
op nieuws opgenomen en Chabrohbaai genoemd. Be-
halve Rawak , ligt, langs de noordkust, ten oosten ,
de kleine haven van Boni, en, ten westen van Rawak,
de Tofahak-, of O ff aksbaai en de Piapis-baai, welke
beide laatste voor vele schepen eene veilige ankerplaats
aanbieden.
X 4 'l'I-