Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
r,0')
drie Icanonnen cn een vijftigtal hunner manschappen
tegen de Nederlanders hadden geholpen. Eerst bij den
vrede van 1667 geraakte Nederland in het onbetwist
bezit van dit eiland.
Niet vóór 1730 beproefde men, hetzelve aan den staat
van woestheid, waarin het zoo lang zich bevonden had,
te onttrekken, en er jati- en ander hout aan te plan-
ten. Er wonen eenige visschers , en er wordt nu en
dan hout gekapt en kalk gebrand.
De voornaamste plaats is:
Lochern. Omstreeks 1621 werd dit fort of blokhuis
gesticht, ten einde"den Engelschen eene landing te be-
twisten , en er de Bandanezen af te houden. Het is
echter, sedert geruimen tijd, in een' vervallen' staat.
Rosingain
ligt ten oosten der vorige eilanden, In 162+ werd aan
de noordwestzijde alhier een klein fort aangelegd, dat
evenwel sinds lang vervallen is. Dit eiland was goed
bevolkt tot het jaar 1634, wanneer de muskaatboomen
zijn uitgeroeid, en de bewoners zich op Groot-Banda,
of Aay hebben nedergezet. Naderhand strekte het, een'
geruimen tijd, ten verblijf van misdadigers en verkreeg
het den naam van Bandijten - Eiland. Men meent in-
tusschen, dat aan het vlakke strand van Hosingain met
voordeel zoutpannen zouden kunnen worden aangelegd.
In het noorden van het eiland is een groot rif.
Ten zuiden ligt, op korten afstand, eene koraalbank,
Verdronken Kosingain genoemd, waaromtrent eene over-
levering bestaat, die wil, dat die bank vroeger een
eiland zou geweest zijn.
De voornaamste plaats is:
Kosingain , een klein vlek, voornamelijk bewoond
door Mardijkers, die zich generen met het aankweeken
van sago- en kokosboomen, het kappen van hout, het
kalkbranden uit klipsteen, het steenbakken uit eene
blaauwe klei, welke goede vloertegels levert, en met
de runder- of buffelteelt.
GoENONG-APIE of HET BK. ANDEN DE EILAND.
Dit eiland, ongeveer een' steenworp van Banda-
Neird gelegen, levert veel belangrijks op. Aan den
V 3 voet