Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
zm
(wsten van het volgende ligt, heeft in de ly^e eeuw
tot ballingsoord gediend van Frederik Coyet,
den ongelukkigen Gouverneur van Formosa, op wien
de misslagen en het pligtverzuim van anderen, door
eene langdurige gevangenschap, gewroken werden, In
het midden der i8de eeuw werd Eso Sterrenburg,
Gouverneur van Java's noordoostkust, op eene eigen-
magtige wijze, door den Gouverneur-Gereraal hierheen
gebannen , in weêrwil van zijne aanstelling tot Buiten-
gewonen Raad van Indië door Bewindhebberen, welke
aanstelling men op Java weigerde te erkennen.
Het land is hoog , en rijst in het zuiden tot eenen
berg op. Er is weinig versch water; doch Jay is
nogtans vruchtbaar; het heeft eenige notenperken, en
levert eene aangename verscheidenheid van fraaije Na-
tuurtooneelen op.
De voornaamste plaats is:
Rtvenge. Dit fort werd aangelegd ter plaatse, waar
de drie verschansingen gevonden werden, welke men in
1615 heldhaftig vermeesterde, doch, ten gevolge van
zorgeloosheid, na de overwinning , met merkelijk ver-
lies weder moest ontruimen. Op den 7«''=" April, 1616,
echter maakte men zich , door een' dapperen aanval,
voor goed van het eiland meester, bouwde dit fort,
en gaf het den naam van Revcngc. Thans is het niet
zeer sterk; maar eene zware branding maakt de lan-
ding moeijelijk, In het nabijgelegene kleine vlek is eene
school. De huizen zijn er, zoowel als op het geheele
eiland, van steen opgetrokken, omdat de aardbevingen
hier minder sterk gevoeld worden dan op Groot-Banda
en Neirä, hoezeer Aay naauwelijks twee mijlen van
Goenong- Jpie verwijderd is,
Rhun.
Men heeft langen tijd in onzekerheid verkeerd, aan
wie dit eiland, het westelijkste van alle, eigenlijk toe-
behoorde. Op de landtong Naylakke, welke, bij hoog
water, zich als een afzonderlijk eilandje voordoet, bouw-
den de Engelschen, omstreeks het jaar 1612, een fortje,
dat met negen stukken geschut voorzien werd. In 1621
werden zij van daar verdreven, en werd hun fort ge-
slecht, omdat zij niet alleen de bewoners van Rhun
hadden bijgestaan, maar zelfs die van Lonthoir met
drie