Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
297-
ze is echter door de ingezetenen vrqwillig weder opge-
bouwd, en het fort na dien tijd in goeden staat van
tegenweer gebragt. De beide kleine dorpen Sila en
Ld7i - Hitoe , onder Beverwijk behoorende, zijn'fraai en
goed onderhouden. Zij vormen ééne Christengemeente,
en hebben te zamen ééne kerk, die wel oud, doch met
smaak gebouwd en zeer goed is, alsmede eene school.
Titaway. Deze plaats ligt aan het strand. Er is eene
school, en sedert, eenige jaren heeft men er eene nieuwe
cn ruime kerk gebouwd. In de 17de eeuw was hier een
fort, door den Gouverneur van Speult aangelegd.
De inwoners zijn grootendeels pottenbakkers.
Boero.
Het eiland Boero heeft eene groote uitgestrektheid;
het is bergachtig, en heeft hooge piekbergen, geberg-
ten, bergketens en bergvlakten. Naast de minder beken-
de, noemt men den berg Fliehet, in het midden des
eilands, het gebergte Palamatte , in het noordwesten ,
en het gebergte Tomahoe, of Tamahoe, in het zuid-
westen.
Behalve de ruime en veilige Baai van Kayelie (zie
hieronder), verdienen nog vermeld te worden: op de
noordkust, de Bogt van Bara, in het oosten van het
gebergte Palamatte, op de westkust, de Baai van To-
mahoe, waar men water en brandhout, een zuiver
strand en eene veilige ligplaats voor een aantal schepen
vindt. Het hooge gebergte achter die baai verheft zijne
kruinen tot boven de wolken.
Boero is rijk aan rivieren, en bezit binnen 'slands,
te midden van het gebergte, een meer of binnenzee,
welke, naar men wil, ruim zes mijlen in omvang, en
in het midden zo vademen diepte heeft. Omringd van
hooge bergen, waarvan het meer zijn water ontvangt,
liggen langs de oevers verschillende dorpen, wier bewo-
ners gedeeltelijk hun bestaan vinden in de jagt of in de
visscherij op dit meer. Men heeft er velerlei smakelijke
watervogels, echter, volgens de berigten, geene visch,
dan paling, doch deze van buitengewone dikte. De
eerste Europeaan , die dit meer bezocht, was J 0 h a n
van Leipzig, toenmalig Opperhoofd te Maiüiersjah,
in 1668. In 1710 werd hij gevolgd door Adriaan van
der Stel, Landvoogd van de Amboinsche Eilanden.
T Rond-