Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
219
in eene of twee rijen hooge bergen aan den oever der
zee te eindigen. In dier voege loopen de bergen om-
streeks de Kivierkaap en Kaap Dondo, gelijk ook de
Klabatberg, de Gezusters en Berg Kema, in de na-
buurschap der Doodkistenkaap; even zoo eindigt Kaap
Taljabo in een steil voorgebergte, alsmede Kaap Mand-
har , die, naar den schijn, tot het hoogste gebergte
van Celebes, het gebergte Timodjong, behoort, en des-
gelijks de dubbele bergketen van het zuidelijk schier-
eiland in den Lompo - Batang, die, door een lager
voorgebergte gedekt, op vrij grooten afstand uit zee
zigtbaar is. — Vele bergen bestaan grootendeels uit gra-
niet , groensteen en feldspath; tevens zijn er kalkrotsen,
zoowel als uitgebrande en nog rookende Vuurbergen.
Bij menschengeheugen hebben de laatste echter geene
aanmerkelijke verwoestingen aangerigt.
§ i6. Regeringsvorm. Eigenlijk bestaat in de meest
bekende Staten van Celebes het leenstelsel, zoodat leen-
mannen en achterleenmannen eene erfelijke magt oefe-
nen en, te zamen met den Vorst en diens Rijksbe-
stuurder, het gezag deelen. Naar mate de magt van
den Vorst groot is, weet hij zqne vassalen in be-
dwang te houden; of wel, deze doen, wat hun goed
dunkt, en rooven en plunderen onbeschroomd. Ook zijn
er federative Staten, waar kleine Vorsten zich, tot ver-
dediging als om andere redenen, onderling meer of min
vereenigd hebben. Het verbond is naauwer bij de fede-
ratie der Vorsten van Wadjoe, en minder bij de Staten,
die het Bondgenootschap van Adja-Taparang uitmaken.
Bij hunne toetreding tot het Traktaat van Oedjong-Pan-
dang, van den 7'ien Augustus, 1824, hebben al die
Vorsten hunne afhankelijkheid erkend van het Neder-
landsch bewind, dat, voor het geheele zuiden van
Celebes, en de daaraan onderhoorige eilanden Saleijer,
Boeton , Sumbawa enz., bij éénen Gouverneur, dien
van Makasser, berust.
In het noorden van het eiland, en ook bepaaldelijk
onder het onmiddellijk gezag der Nederlandsche Amb-
tenaren, is het bewind veelal in handen van Dorps-
hoofden en Oudsten. Dit gedeelte van Celebes, met
de nabijgelegene eilandjes, en de daartoe betrokkene
Sangier- en Salibabo-Eilanden, behoort onder de
Residentie Menado.
§ 17. Verdeeling. Men doet best, zich hierbij tot
de
i ^