Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
18.5
de oproerige Cliinezen uit de mijnwerlcen van Montrado
en Mandor. In Mei, en op nieuws in Junij, door lien
overvallen, sloeg hij de oproerlingen, in weêrwil hunner
aanzienlijke overmagt, met belangrijk verlies terug. In
Julij kwamen de oproerige mijnwerkers het fort ten der-
den male met verwoedheid aantasten; doch nu versche-
nen te regter tijd versche troepen van Makasser cn
Java tot luilp der afgematte bezetting.
De Vorst van Mampawa had, in 1783 en 1784,
dien van Riouw tegen de Oostindische Maatschappij
bijgestaan, en werd, ten gevolge daarvan, in 1786
verdreven en afgezet. In 1808 werd zijn zoon als
afhankelijk Vorst hersteld. Onder den titel van Panum-
bahan had reeds, gedurende dat tijdsverloop, S h a r i f
K a s s i m , zoon van A b d u 1 R a c h m a n, geregeerd,
en toen zijn' vader als Sultan van Pontianak opge-
volgd.
Landak. Deze hoofdplaats van het gebied van dien
naam ligt aan eene der rivieren, welke zich in de
Pontianak werpen; de kronkelingen en de stroom dier
rivier maken de vaart opwaarts van Pontianak naar
Landak tot eene reis van vijf dagen. Een fort, in
1776 aangelegd , strekt tot woning van den Nederland-
schen Gezaghebber; de Sultan heeft zijne kraton iets
hooger, op een' steilen berg, gedekt door de rivier,
en op eene plaats, waar eenige watervallen de vaart
moeijelijk maken.
De zuiverste diamanten van geheel Borneo worden,
zoo als gezegd is , in het Landaksche gebied gevon-
den. Uit dien hoofde bestond, reeds sedert den aan-
vang der i7<'e eeuw, tusschen de Nederlanders en
den Sultan eene overeenkomst voor den uitsluitenden
diamanthandel.
Deze streken worden door Dajakkers bewoond, die
ook de diamantmijnen bewerken, dewijl de onzekere
opbrengst van dezelve voor de Chinezen niet zoo
aanlokkelijk is als die der goudmijnen.
Simpang is gelegen aan de rivier Mattam , ter plaat-
se, waar deze zich met de rivier Simpang vereenigt,
en niet verre van den mond der eerstgenoemde. Op
4 tot 5 mijlen afstands van de zee, is deze plaats in
het westen gedekt door het gebergte Sukkadana; ook
is hier de grond veel hooger dan omstreeks Pontianak.
De stad Simpang behoort tot het Rijk Nieuw -Brus-
sel,