Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
195-
het jaar 1817 waren. Vandaar hunne herliaalde woe-
hngen en vijandelijkheden, vooral in het gebied van
Sambas in 1822, en in Mampawa en Montrado in
1825. Die van Mandor kwamen in 1819 afzakken en
Pontianak bestoken, wanneer de Resident Hartman
en de Kapitein Z i m m e r m a n blijken gaven van
moed, beleid en volharding. Het slecht versterkte
fort bestond voornamelijk uit paalwerk, en telde eene
bezetting van 70 man, meest Ambonezen, toen de
Chinezen, met ruim 800 man, onverhoeds hetzelve
kwamen overvallen. Tegen deze overmagt moesten
Hartman en Zimmerman zich verdedigen. De
weinige Ambtenaren met de bezetting gedroegen zich
intusschen allerkloekmoedigst: door hun welgerigt vuur
noodzaakten zij de aanvallers tot den terugtogt, met 80
dooden en een aantal gekwetsten, terwijl men in het
fort niet meer dan drie gewonden had.
De strandvolkeren zijn Arabieren, Celebezen, een
groot getal Chinezen en nog meer Maleijers; daaren-
boven ook Dajakkers, en onder deze pandelingen en
slaven. De binnenlandsche bevolking, aan Nederland
onderhoorig, bestaat deels uit Chinesche en deels uit
Dajaksche mijnwerkers, landbouwers enz.
Mampawa is de hoofdplaats van het Rijk Mampa-
wa, en ligt aan een' rijzenden grond, die in een' hoo-
gen berg eindigt, waarlangs de gelijknamige rivier loopt.
Hier is het verblijf van den Vorst, of Panumbahan;
doch een weinig lager aan de rivier ligt de Nieuwe
wijk, of Kampong Baroe, welke beter voor den han-
del dient. Daartegenover ligt, aan de rivier, het
Nederlandsche fort, bewoond door den Assistent - Resi-
dent , of Gezaghebber, en eenige Ambtenaren. Te de-
zer plaatse heeft men de rivier in zooverre met zwaar
paalwerk afgezet, dat de vaartuigen slechts onder het
bereik van het Nederlandsche geschut de rivier op of
af kunnen. De uit zee komende schepen hebben tot
verkenningsteeken twee hooge heuvels, tusschen welke
de ingang der rivier is, terwijl twee mijlen ten wes-
ten van den mond Hoek Mampawa in zee uitsteekt.
Langs de rivier Tambanga kan men van hier binnen-
door Pontianak en ook de goud-districten bezoeken.
De Nederlandsche Gezaghebber had, met zijne kleine
bezetting, in het jaar 1825 meer dan eens gelegen-
heid , om zich door dapperheid te onderscheiden tegen
Na de