Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
Welligt bedraagt de geheele bevolking, welke het Ne-
derlandsche Gezag eerbiedigt, vijf en twintig inillioenen zie-
len ; misschien zelfs meer, hetzij dan regtstreeks aan
Ntderland onderworpen, of wel onderdanen van Vorsten,
die den Koning der Nederlanden als hunnen Opperge-
bieder erkennen. Het getal van hen, die regtstreeks door
Nederlandsche Ambtenaren bestuurd worden , mag onge-
twijfeld op twaalf millioenen menschen begroot worden.
, De bevolking van den Indischen Archipel kan men ge-
voegelijk beschouwen:
1°. Naar den oorsprong of de uitwendige verschei-
denheid ;
'2°. Naar het onderscheid van taal, en
3°. Naar de Godsdienst.
Het eerst komt bun oorsprong of verscheidenheid in
aanmerking. — Behalve de beide natiën , wier Vaderland
buiten den Archipel ligt, namelijk de Arabieren en Chi-
nezen , kunnen zij door de volgende benamingen worden
onderscheiden: Maleijers, Javanen, Celebezen, Moluk-
kanen, Cerammers , Alfoeren , Borneoten, Papoes en
Thtiorezen.
De Arabieren. Hun getal is gering. Uiterlijke def-
tigheid onderscheidt hen. Afkomstig uit het Vaderland
van Mohammed, doen velen zich als afstammelingen
van den Profeet gelden , en weten zich in het algemeen,
onder de volkeren van den Archipel, die den hlam om-
helsd hebben, veel aanzien te verschaffen. Hun doel is
grootheid en rijkdommen, en of zij zich op den han-
del toeleggen of wel op zeerooverij: zij trachten steeds
naar magt en aanzien; ook zijn verschillende Vorsten
in den Archipel van Arabische aflcorast.
De Chinezen zijn overal door den Archipel verspreid
als kooplieden , schippers , handwerkers , fabrikanten ,
pachters, landbouwers en mijnwerkers. Men ontmoet
hen dus in alle betrekkingen des levens, en het is
alzoo niet te verwonderen, geheel tegenstrijdige be-
rigten omtrent hen te vinden. Bij de beoordeeling der
Chinezen, welke zich in Indië ophouden, vergete men
niet, dat de meeste tot de lagere klasse hunner natie
behooren, en met de jonken uit hun Vaderland over-
komen, niet zelden zoo arm en naakt, dat hunne geheele
plunje geen' Rijksdaalder waardig is, zoodat zij genood-
zaakt zijn, zich in dienst te begeven bij iemand, die gene-
gen is, om hunne overvaart en onderhoud op reis aan den
A 4 scliip.