Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
130-
Rivieren en andere wateren. 13e groote Jambische
rivier wordt gevormd uit de Jambi, die in de Ko-
landschappen ontspringt, en mt ée Tamboesie,
de Maringien, de Simantjie, de Nior, de Kam-
man , de Tabier enz., en stort zich door eene delta
in zee.
Voortbrengselen. Dezelfde als in de andere streken
van de oostkust, vooral peper, stofgoud en tin.
Verdeeli7ig. Niet verder bekend, dan dat het Rijk 15
dorpen van eenig belang en eenige gehuchten heeft, als
ook dat het district Serampli, in de binnenlanden,
hiertoe behoort.
De voornaamste plaatsen zijn:
Jambi, de hoofdstad, aan de rivier van denzelfden
naam, met weinig handel.
Maranoempa, of liever Moewara- Kampan, ter plaat-
se , waar de uit het zuiden komende gelijknamige rivier
zich in de Nior of Jambische rivier ontlast, op 9
mijlen afstands van den mond, of Kwalla- Nior. Langs
de rivieren , die zich op verschillende punten met de
Nior vereenigen, wordt hier veel handel gedreven; ook
is hier de voornaamste zeehandel.
Hier hadden de Nederlanders, sedert den aanvang der
i7<3e eeuw, eene loge of fort voor den peperhandel.
Thans drijft men er handel in peper, stofgoud, tabak
en katoen. — Er is tot hier behoorlijke diepte voor
zeeschepen; doch zij moeten den vloed te baat nemen,
om door de geul tJ komen, welke tusschen de banken
den doortogt toelaat.
§ 19. 11. Staten onder Nederlandsche bescherming:
1. Het Rijk indragirie
ligt ten zuiden van het V^orstendom Kampar en ten
noordoosten van Jambi, en heeft ten oosten de zee.
Luchtgesteldheid. Gezond en groeizaam.
Bergen. De grond veelal vlak; dus geene bergen van
aanbelang.
Rivieren en andere wateren. De rivier, welke mid-
den door dit Rijk stroomt, en eene groote delta
vormt, voordat zij zich met de zee vereenigt, vloeit af
uit het meer Singkara, in de Padangsche Bovenlan-
den, omtrent 8 mijlen van de westkust gelegen. Onder
den naam van Kwantan, verrijkt zij zich al spoedig
met