Boekgegevens
Titel: Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Serie: Werken der Maatschappij tot Nut van 't Algemeen, 2: 1
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Te Leyden, Deventer en Groningen: bij D. Du Mortier en zoon, J. de Lange en J. Oomkens, 1843
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 258 F 9
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204606
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van Nederland
Trefwoord: Geografie, Nederlandse koloniën, Nederland, Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding tot de aardrijkskunde van Nederlands Oostindische bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
134-
van een glooijend gebergte, waaronder de Goudenberg
de hoogste en ver in zee zigtbaar is. De stad en
de Icraton liggen grootendeels aan den middelsten arm
der rivier van denzelfden naam; de beide andere armen
zijn echter aan den mond ook bewoond. Aan den mond
der middelste ligt eene sterkte, die, zoowel als een
iets verder van het strand gebouwd steenen fort, in zeer
slechten staat van verdediging is. De huizen staan op
palen, en zijn meerendeels Ideine vervallen bamboezen of
planken woningen met atap gedekt; ook de moskeen zijn
onaanzienlijk. De kraton is wel uitgestrekt; doch de ge-
bouwen zijn zeer in verval, en op de wallen, die mede
in slechten staat zijn, liggen vele ijzeren en metalen
stukken, zonder rolpaarden en half in den grond weg-
gezonken. De ingang van de kraton prijkt nog met
twee metalen stukken, door Koning Jacobus Ivan
Groot-Brittanjc aan den destijds magtigen en rijken
Sultan geschonken. Wanneer de rivier, welke zich
door drie monden, den grooten, of Atsjeen, den noor-
der- , of Marassa, en den zuider-, of Gigie, in zee
ontlast, veel water afvoert, vertoont de geheele stad
zich als een uitgestrekt moeras.
De baai is door het eiland Way en door de Brassi-
Eilandjes gedekt; doch eene bank noodzaakt diepgaande
schepen ruim eene mijl van den wal op de buitenreede
te blijven. Way is te kennen aan een' kegelberg, zijnde
een uitgebrande Vuurberg.
Door den Shabandaar CHavenmeester) is de Sultan de
eenige koopman , die met de vaartuigen , welke jaarlijks
van de Kust van Koromandel en Malabar komen, handel
drijft. Deze is derhalve van weinig beteekenis. De
uitvoer bestaat in stofgoud, peper, areeknoten en sapan-
hout; van minder belang is die van tabak, benzoin, kam-
fer, gomlak, zwavel, dammer en rottan. Ook is hier we-
verij in katoen, en zelfs in zijde, welke mt China Vomt.
Kwalla - Batoe , veelal bij verbastering Annalaboe of
Nalaboe genoemd, ligt aan den mond der rivier Batoe,
heeft eenige kleine fortjes, met aarden wallen, en goeden
ankergrond. Daar deze plaats zeer geschikt is voor den
handel, en overvloed heeft van levensmiddelen, vooral
visch en gevogelte, komen de Amerikanen hier peper
en stofgoud halen, welk laatste uit het gebergte Willa
wordt aangebragt.
Taroemen heeft een steenen fort nabij den zeeoever,
waar-