Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
ßy
55.
Uit 1 Indië Icnjgen wij peper 3 , kaneel 4, gember 5,
notemuskaat 6, kruidnagelen 7, parelen 8 en diamanten 9. Sina
geeft onslO thee 11; Amerika suiker 12, koffie 13 en tabak.
Ue zuidelijke 14 landen van EuropaleverenlS wijnlC, zijdel7,
boomolie 18, rijst 19, vijgen 20, olijven, amandelen 21, drui-
ven 22, oranjeappelen 23, citroenen 24 en boomwol 25. En-
geland geeft ons steenkolen 26, tin 27 en lood 28; Zweden 29
en Noorwegen 30 , hout, ijzer 31, koper 32 en zilver 33.
1. aué, (3). 11. Sh«/ m. 2. 23. q3onKranjc, f. 3.
2. befommcn roir. 12. Jucfcr, m. 1. 24. gitrone, f. 3.
13. .faffce, m. 2.
14. fublic^cn.
15. liefern.
16. Ïï3ein, m. 2.
17. ©eibe, f. 3.
3. Pfeffer, m. 1.
4. jimmf, m. 2.
5. ^ngroer» m. 2.
6. SRuétatennug
(ü), f. 2.
7. ©emürjnSgelein, 18. Sgaumol, n. 2.
n. 1.
8. ^erfe, f. 3.
19. 3leig, m. 2.
20. geige, f. 3.
9. Stamanf, m. 3. 21. gjjanbel, f. 1.
25. SaummoHe, f.3.
26. ©teinfohlen, f.
27. 3inn, n. 2.
28. Slei, n. 2.
29. ec^meben,n. 1.
30. ÏJormegen/ n. 1.
31. (£ifen, n. 1.
32. Tupfer, n.' 1.
33. gilber, n. 1.
10. giebf uné.
22. Traube, f. 3.
OVER HET GESLACHT DER ZELFSTANDIGE
NAAMWOORDEN.
Het is niet wel mogelijk vaste regelen voor het geslacht
der zelfstandige naamwoorden in het Hoogduitsch op te geven;
dit moet men door het gebruik en met behulp van woorden-
boeken leeren. Om hierin echter den eerstbeginnenden eenigs-
zins te gemoet te komen, volgt hier eene lijst der meest ge
bruikelijke zelfstandige naamwoorden, welker geslacht in de
beide talen niet hetzelfde is, met eenige algemeene regelen
die men met zekerheid volgen kan.
a. Mannelijk zijn de namen van mannen, van winden,
jaargetijden, maanden en dagen, als ook de woorden, welke
op all, ing en Ung uitgaan; b. v.:
ber .Omring, 2. de haring. ber grü^ling, 2. de lente,
ber .^anfling, 2. de vlasvink, ber ©onneréfag, de donderdag,
ber ©taa (ä), 2. de stal.