Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
46
13. erftirfcn fie.
14. aüeé.
15. (Betreibe, n.
23. üicrje^n.
24. .^u^n (ü), n. 4.
25. fünfjig.
rerstikken ze 13. Al het 14 koren 15 behoort tot 16 de
grassoorten 17. De nesten 18 der meeste 19 vogels zijn
zeer kunstig gebouwd 20. De patrijzen 21 leggen wel 22
veertien 23 en de hoenders 24 wel vijftig 25 eieren.
11. road)fcn oft über, 16. gebort ju, (3). 21. Bleb^u^n (ü),
(4). 17. (Braé (ä), n. 4. n. 4.
12. bie guten roeg. 18. gtefï, n. 4. 22. legen rco^l-
19. meiften.
20. fef)r fünftric^
gebaut.
39.
De ambten 1 worden in eenige 2 landen zeer duur ver-
kocht 2. De groote 3 landen zijn niet altijd de besiegt, ik
heb er gezien 5, welker 6 rijkdommen in 7 groote 8 bosschen ,
in baden 9 en in vruchtbare 10 velden bestaan 11, en de vol-
ken 12 dier 13 landen zijn gelukkiger 14 dan die\h, welke
geen andere 16 rijkdommen hebben 16 dan goud en zilver 17.
Ik verzoek u 18 de woorden 19 van dit opstel van buiten
te leer en 21.
7. in, (3).
8. grogen.
9. «Bab (a), n. 4.
10. fruchtbaren.
11. beftc^n.
4. nid;t immer bie 12. 2Solf (ó), n. 4.
beften. 13. biefer.
5. ld) ^abc beren ge? 14. (inb glücflic^cr. 21. auémenbig ju
6. bcrer. [fe^cn. 15. alé bicjenigen. lemen.
1. 2!mt (ä), n. 4.
2. roerben in (3) ei;
ntgcn .... fc^)r
il)cucr uerfauft.
3. grogen.
16. roclcfte ïeine an?
bern ... ^aben.
17. alé ©olb unb
eilbcr.
18. id) bitte @ie.
19. SBort (ó), n. 4.
20. biefer Slufgabe.
OEFENING.
Het meervoud te vormen van de volgende woorden:
baé Sorf, het dorp.
baó sOïetaH, het metaal,
bie 5Strfung, de werking,
bie Sugenb, de deugd,
baé Rafter, de ondeugd,
baé @cfc§, de wet.
taé ï^al, het dal.
bcr Öcifï, de geest.
ber Sraum, de droom,
bcr £ag, de dag.
bie SïadJt, de nacht,
baó Silb, het beeld,
bcr 3rrt^um, de dwaling,
bie Drgel, het orgel,
bcr ïpinfel, het penseel,
bie ïOIaiicr, de muur.
SmU