Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
466.
Srctlich.
(goß ich Shnc" cln fcibencé ober
cin baumrooßcnc^ geben?
(ES ifï mir einerlei, mcnn cé
nur rein i(ï.
^)a(t bu raeine ©tiefei rein
gemacht?
©ie finb nicht baj ich habe fic
bem ©chuhmacher gegeben,
fte über ben Êcifien }u fchla?
gen.
Du hafi roßhl gethan-
@ieb mir meine ©chuhe her«
©a finb fie.
ilöoßen ©ie bie neuen ©chuhe
anziehen, welche ber ©chuh?
macher gefïern brachte?
3a, gieb fie mir her-
3ch wiß ftc 3hnen anjichen.
3ïein, ich fürchte, ftc möchten
mich brücEcn.
Bringe aber mir erfi meine
©trümpfe unb gugfocfen her.
Bi)ï bu fertig?
3m 3lugenblicf.
SSie jauberfi bu boch fo lange?
(Ein junger SItenfch mug immer
munter fein.
3Baé für ein -^alétuch moßen
©ie heute anthun?
@ieb mir ein ïOïulfellneneé.
jF)ier i(i !aße^, ipaé ©ie brau?
chen.
Zonder twijfel.
Moet ik u eenen zijden of
eenen katoenen geven?
Dat is mij het zelfde, als hij
maar schoon is.
Hebt gij mijne laarzen schoon
gemaakt ?
Zij zijn er niet; ik heb ze aan
den schoenmaker gegeven,
om ze op de leest te slaan.
Gij hebt wel gedaan.
Geef mij mijne schoenen.
Daar zijn zij.
Wilt gij de nieuwe schoenen
aandoen, die de schoenma-
ker gisteren te huis gebracht
heeft?
Ja, geef ze mij hier.
Ik zal ze u aantrekken.
Neen, ik vrees, dat zij mij
knellen zullen.
Breng echter eerst mijne kou-
sen en sokken.
Hebt gij gedaan?
Op het oogenblik.
Wat talmt gij vreeselijk.
Een jonkman moet altijd vlug
zijn.
Welke das wilt gij heden om-
doen ?
Geef mij eene neteldoeksche.
Zie daar alles, wat gij noodig
hebt.
24.
J^afï bu meine Äleibcr auége? Hebt gij mijne kleeren afge-
fehrt ? schuierd.