Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
398.
ïBcgfïcin, wetsteen. Sbelflelnc, 3u?
ber ^Bïagnct, 3. de zeilsteen. roeien,
bcr iïalf, 2. de kalk. ber Siamanf,
bcr @lpé, 2. de pleister, gips.
bie 3eif, 3.
ber Singen?
blicï, 2.
bie 5}?inute,
bic ©funbe,
eine Viertel?
flunbe,
ber Sag, 2.
bic 5Racht(a),
ber ?SKorgcn, 1.
bie ?Oiorgenrö?
bcr ©önncn?
anfgang, 2.
ber anbrcchenbe
Sag,
bcr ?Oïi(fag,
bcr Slbenb, 2.
ber ©onnennn?
tergang, 2.
Dämmerung,
bic 3lbenbluft,
gjlltternacht,
baé gicht, 4.
ber ©chatten,
bie Simfelhcit,
bic gin(ïcrnlg,
bie 5Bochc, 3.
ber ?0?onat, 2.
ein Vierteljahr,
n. 2.
baé 3ahr, 2^
ï ij d e n en j
de tijd.
het oogenblik.
de minuut,
het uur.
een kwartier-
uurs.
de dag.
de nacht. •
de morgen,
de dageraad.
de opgang der
zon.
het krieken van
den dag.
de middag,
de avond,
zonsonder-
gang,
schemerlicht,
de avondlucht,
middernacht,
het licht,
de schaduw,
de donkerheid,
de duisternis,
de week.
de maand,
een vieren-
deeljaars.
het jaar.
a a r g e t ij d e n
baé 3ahrhun?
bert, 2.
cin 3ahrtau?
fenb, n. 2.
bic bier 3ahreé?
jeiten, f.
bcr grühling,
ber ©ommer,
bie .^unbétage,
bte grnte, 3.
ber .^crblï, 2.
bie aSetnlcfe, 3.
bcr üBlnter, 1.
ber jïalenber,
bte ©anbnhr,
bte Uhr, 3.
baé SBctter, 1.
ber CiBlnb, 2.
ber Sïorbrolnb,
ber D(ïmtnb,
ber ©übrainb,
ber ®e(ïn)inb,
bie ^it^t, 3.
bic -ÏBarme,
bie SBolfe, 3.
baé ©eroolf, 2.
ber Sdcgcn, 1.
ber J&agcl, 1.
bcr Bllg, 2.
bcr ©tnrm (ü),
baé ©enjltter,
ber Sonner, 1.
edelgesteenten,
juweelen.
de diamant.
de eeuw.
tien eeuwen.
de vier jaarge-
tijden,
de lente,
de zomer,
de hondsdagen,
de oogst,
de herfst,
de wijnoogst,
de winter,
de almanak,
de zandlooper.
het horloge,
het weder,
de wind.
de noordewind.
de oostewind.
de zuidewind.
de westewind.
de hitte,
de warmte.
de wolk.
de regen,
de hagel,
de bliksem,
de storm,
het onweder.
de donder.