Boekgegevens
Titel: Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Auteur: Meidinger, J.V.; Elberts, W.A.
Uitgave: Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink, 1870
14e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 1813 D 23
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_204583
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Duitse taalkunde
Trefwoord: Duits, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Hoogduitsche spraakkunst, of Gemakkelijke wijze om de Hoogduitsche taal te leren
Vorige scan Volgende scanScanned page
390.
n)(rb nie (Stivaß aué ihm
roerben.*
(£ê i(l aué mit mir.
2Jué ben SJugen, aué bem ©inne.
SlHeé ifl aué.
€é i(l aué mit ihm, er mug
baran^ er fann nicht ent?
fommen; er i(l tobt.
Saé fchmecJt mir.
3n ben Sag hinein fprechen.*
3ch »erbitte bir bicfeé.
(Eh« man ftch'é pcrfieht, un?
terfehené.
3ch eerbenfe eé 3hn«n fehr.
Sie j?irche, bie ©chule i(! aué.
3n SSerjroeiflung fein.*
Siefe garbe faßt in bie 2Ju?
gen.
Saé fattt in bie SUugen.
©ich nm eine ©ache befümmern.
Sefümmern ©ie ftch um fich
felbfï.
2lufé hochfïe.
2tufé iSnglte.
Sa mag er jufehen.
Saraué roirb nichté.
Sr ifl ein roohlhabcnber SKann.
3ch fann eé (hm nicht Perben?
fen, nicht übel nehmen.
3m Segriff fein.
Srocfnen gugeé.
©Ich mit einem COIäbchen Per?
heirathen.
SJIit ©tillfchroeigen übergehen.
5Bie fleht eé mit biefer ©ache?
roie ifl eé mit biefer ©ach«
befchaffen?
Daar zal niets goeds vau hem
worden.
Het is gedaan met mij.
Uit het oog, uit het hart.
Alles is verloren.
Het is gedaan met hem, hij
zal den dans niet ontsprin-
gen; hij is er geweest.
Dat is naar mijnen smaak.
In het wild spreken.
Ik verzoek, dat gij het laat.
Onvoorziens.
Ik vind, dat gij groot ongelijk
hebt.
De kerk, de school is uit.
Tot wanhoop gebracht zijn.
Die kleur valt of loopt in
het oog.
Dat valt in het oog.
Zich met eene zaak bemoeien.
Bemoei u met uwe eigene
zaken.
Op zijn hoogst.
Op zijn langst.
Dat is zijne zaak.
Daar komt niets van.
Hij is een gegoed man.
Ik kan het hem niet kwalijk
nemen.
Op het punt staan.
Droogvoets.
Met een meisje trouwen.
Met stilzwijgen voorbij gaan.
Hoe is het met deze zaak
gesteld ?